Samenvatting Wro: bedoeling en bevoegdheden

-
ISBN-10 9491073079 ISBN-13 9789491073076
32 Flashcards en notities
2 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Wro: bedoeling en bevoegdheden". De auteur(s) van het boek is/zijn T H H A van der Schoot. Het ISBN van dit boek is 9789491073076 of 9491073079. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Wro: bedoeling en bevoegdheden

  • 6.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden

  • Wat houdt een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden in?

    Het houdt de toestemming in voor het verrichten van activiteiten die niet bestaan uit bouwen en slopen en die in beginsel een bedreiging vormen voor de bescherming va de grond

  • Artikel 2.1 lid 1 onder b Wabo

    Een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden is vereist indien dat in het bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsplan is bepaald. 

    De planlogische regeling bevat zodoende het aanlegvergunningenstelsel. Indien de planologische regeling geen aanlegvergunnigenstelsel bevat zijn de werken en werkzaamheden toegestaan tenzij deze daarin expliciet zijn uitgesloten.

     

    Aan de omgevingsvergunning kunnen voorschriften worden verboden die voorwaarden stellen aan de wijze waarop en de periode waarin de werken en werkzaamheden worden uitgevoerd

     

    Art. 2.11 Wabo 

    De voorschriften van de omgevingsvergunning mogen niet in strijd zijn met de regels die gesteld zijn in de planologische regeling (vergunningenstelsel van bestemmingsplan)

     

  • Artikel 5.17 Bor

    Een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden, die slechts is toegelaten voor een tijdelijke activiteit op grond van een voorlopige bestemming of gebruiksregel moet een termijn bevatten.

  • Hoofdstuk 3 Mor bevat de indieningsvereisten voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden

  • 6.3.1 Weigeringsgronden

  • Waar staan de weigeringsgronden voor de omgevingsvergunning voor werken en werkzaamheden

    Artikel 2.11 Wabo

  • De weigeringsgronden van artikel 2.11 Wabo zijn limitatief-imperatief

    • strijd met het bestemmingsplan
    • strijd met een inpassingsplan
    • een beheersverordening
    • strijd met een exploitatieplan
    • strijd met een voorbereidingsbesluit
    • strijd met provinciale verordening die er voor waakt dat gronden of bouwwerken geschikt blijven voor de verwezenlijking van de verordening zolang geen bestemmingsplan inwerking is getreden artikel 4.1 lid 3 Wro
    • strijd met een Algemene maatregel van bestuur die er voor waakt dat gronden of bouwwerken geschikt blijven voor de verwezenlijking van de maatregel zolang geen bestemmingsplan inwerking is getreden artikel 4.3 lid 3 Wro
  • 6.3.2 Aanhoudingsgronden

  • Waar is de aanhouding van omgevingsvergunningen geregeld?

    Artikel 3.3 t/m 3.6 Wabo

  • Ten aanzien van aanhouding ikv exploitatieplan:

     

    Aanhouding is niet mogelijk indien er een ontwerp-exploitatieplan ter inzage is gelegd. De aanhoudingsplicht loopt vanaf de vaststelling en zo lang het exploitatieplan nog niet onherroepelijk is. Wordt het exploitatieplan door de rechter vernietigd, dan moet een nieuw exploitatieplan worden opgesteld en duurt de aanhouding voort totdat het nieuwe exploitatieplan onherroepelijk is.  

     

    Indien privaatrechtelijk volledige overeenstemming is bereikt over de exploitatiebijdrage of de gemeente de grond in eigendom heeft en zelf uitgeeft is aanhouding ikv exploitatieplan niet aan de orde.

  • Artikel 3.3 lid 3 en lid 6 Wabo Artikel 3.5 lid 3 Wabo

    Aanhoudingsplicht kan worden doorbroken

  • 6.3.3 Procedure

  • Procedure verloop omgevingsvergunning voor werken en werkzaamheden.

     

    Op de aanvraag is de reguliere procedure van toepassing artikel 3.7 Wabo. Dit betekent dat afdeling 4.1.2 en afdeling 4.1.3 van de Awb van toepassing zijn.

     

    1. Vooroverleg tussen aanvrager en bevoegd gezag (optioneel, niet wettelijk geregeld)
    2. Toepassen afdeling 4:1 Awb (controleren aanvraag, voorbereiding, beslistermijn)
    3. Kennis geven van de vergunning aanvraag dmv publicatie met vermelding van de ontvangstdatum artikel 3.8 Wabo
    4. Binnen 8 weken beslissen artikel 4:13 Awb jo. art. 3.9 lid 1 Wabo
    5. Optionele eenmalige verlening van de beslistermijn met 6 weken artikel 4:14 Awb jo. art. 3.9 lid 2 Wabo. Verlening moet kenbaar worden gemaakt dmv publicatie. Verlening moet plaatsvinden binnen de initiële termijn van 8 weken.
    6. In geval van afwijzing moet aanvrager gelegenheid tot indienen van zienswijzen worden geboden artikel 4:7 Awb. Optioneel ook derde belanghebbende gelegenheid tot indienen van zienswijzen bieden artikel 4:8 Awb. (zienswijzen termijnen schorten het beslistermijn niet op)
    7. Besluit kenbaar maken door middel van toezending en publicatie

     

  • Overschrijden van het beslistermijn leidt tot vergunningverlening van rechtswege artikel 3.9 lid 3 Wabo.

     

    Bezwaar en beroep tegen de vergunning van rechtswege is mogelijk.

     

    Beschikking moet binnen twee weken na het overschrijden van het termijn bekend worden gemaakt artikel 4:20c Awb.

    Anders wordt een dwangsom verbeurt artikel 4:20d Awb

     

    De inwerkingtreding van de vergunning van rechtswege wordt opgeschort totdat het bezwaarstermijn is verstreken of tot dat op een eventueel bezwaar is beslist (voorkomt onomkeerbare gevolgen) artikel 6.1 lid 4 Wabo. Schorsende werking heeft betrekking op de bezwaarfase, de beslissing op het bezwaar, de beroepstermijn en de beslissing op het beroep.

     

    Opschorting kan worden opgeheven via een voorlopige voorziening 

  • 6.3.4 Afstemming op de Monumentenwet 1988

  • Consequenties van werken en werkzaamheden aan monumenten zijn vastgelegd in artikel 2.1 lid 1 onder f of artikel 2.1 lid 1 onder b Wabo.

  • Aan een omgevingsvergunning voor aanlegactiviteiten kunnen voorschriften worden verbonden in het belang van archeologische monumentenzorg, artikel 5.2 lid 2 Mor.

  • Voor een gebied dat op grond van de monumentenwet is aangewezen als beschermd stads- of dorpsgebied moet binnen een bepaalde termijn een beschermend bestemmingsplan worden vastgesteld, artikel 36 lid 1 Monumentenwet 1988.

     

    Zolang geen beschermend bestemmingsplan of beheersverordening is opgesteld moeten aanvragen voor omgevingsvergunningen voor werken en werkzaamheden worden aangehouden, artikel 3.3 lid 4 Wabo (doorbreken aanhouding kan in het geval van een bestemmingsplan)

  • Bij vaststelling van een bestemmingsplan of beheersverordening dient rekening te worden gehouden met de in de grond aanwezige en te verwachten monumenten, artikel 38a Monumentenwet.

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Wat houdt een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden in?
1
Waar staan de weigeringsgronden voor de omgevingsvergunning voor werken en werkzaamheden
1
Waar is de aanhouding van omgevingsvergunningen geregeld?
1
Wat is het voornaamste doel van de vergunningplicht voor sloopactiviteiten
1
Pagina 1 van 2