Virale ziekten, prionziekten & zoönosen bij het varken

by (2013)
200 Flashcards en notities
1 Studenten

Studeer slimmer met eFaqt samenvattingen

  • Beschikbaar voor computer, tablet, telefoon en op papier
  • Vragen met antwoorden over de leerstof
  • Ongelimiteerde toegang tot 300.000 online samenvattingen
  • Tools voor slim studeren & timers voor betere resultaten

Bekijk deze samenvatting

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Virale ziekten, prionziekten & zoönosen bij het varken

  • 4.1.4 Aujezski

  • Hoe wordt de ziekte ook wel genoemd?
    pseudorabies

    suid herpesvirus 1
  • Welke eiwitten worden gevormd als virus in cel is?
    early, intermediate, late eiwitten
  • Hoe wordt het virus verspreid tussen cellen?
    cel fusie
    vorming van intercellulaire bruggen

    --> door virale eiwitten die aan de buitenkant van de gastheer cel zitten
  • Welke immuniteit is van belang bij dit virus?
    celgemedieerde immuniteit
  • Hoe gebeurt de overdracht?
    • oronasaal
    • direct contact
    • aërogeen
    • via melk, sperma
    • transplacentair
  • Voor de mens besmettelijk?
    NEE
  • Hoe verloopt de pathogenese?
    • virus komt binnen
    • vermeerdering thv bovenste ADH wegen
    • cell geassocieerde viremie > in leukocyten
    • gaat overal heen > trigeminale gll, hersenen, longen, lever, drachtige baarmoeder
  • Welke immunologische reactie zie je op het virus?
    CD8+ cytotoxische T lymfocyten
    opbouw niet-neutraliserende en neutraliserende antistoffen
  • Bij welke virussen wordt het basaal membraan ter plekke verteerd?
    PRV(pseudorabiesvirus)
    BoHV1
  • Wat gebeurd er als de biggen geïnfecteerd wordt tijdens de eerste levensweek?
    dood
  • Waar gaat het virus bij oudere dieren zitten?
    ggl. trigeminale
  • Waar gaat het virus zitten bij biggen in de eerste levensweken?
    Overal in de hersenen
  • Wat is de rol van het virale gE proteine?
    Door basaal mebraan heen drillen
  • Welke cellen zijn weerstandig aan het virus?
    trigeminale neuronen
  • Welke stof brengt aujezski in latentie?
    interferon
  • Wat zijn de symptomen?
    Biggen
    Mestvarkens
    Fokdieren
    • Biggen 4-5w: zenuwstoornissen (2-4d PI) > sterfte.
    • Mestvarkens: AHstoornissen. Suf, slaperig, eten niet.
    • Fokdieren: abortus, mumificatie > alle foetussen ongeveer dezelfde grootte (verschil? met parvo).
    --> Necrosehaarden lever en milt, longen
  • Varkens hebben lege maag(scheelt 10 kg) > niet echt vermagerd
  • Waar werken de antistoffen precies tegen?
    • tegen vrij virus > neutraliserend, complement gemedieerde inactivatie
    • tegen geïnfecteerde cellen > antistof afhankelijk cel lyse, plaque productie
  • Waar werken de cytotoxische T cellen precies tegen?
    geïnfecteerde cellen > die via MHCI virale peptiden tot expressie brengen
  • Wat gebeurd er bij reactivatie?
    Kleine vermeerdering > cytotoxische tcellen en antistoffen zitten er gelijk bovenop!
  • Wat gebeurt er als een gevaccineerde zeug geïnfecteerd raakt?
    • Vermeerdering thv bovenste ADH wegen
    • viremie
    • kan wel naar drachtige baarmoeder > abortus
    • maar laat rest lichaam zeug met rust
  • Hoe gaat het virus van moeder naar foetus?
    door heen bloedvat maternale placenta > van maternale naar foetale placenta (immuno evasieve geïnfecteerde macrofagen)
  • Hoe kunnen aujeszki geïnfecteerde monocyten overleven in het bloed van gevaccineerde zeugen?
    virus in paard van troje?

    antistoffen die op de cel plakken die gepresenteerde virale antigenen worden in de cel gehaald > internalisatie > zo zijn ze niet meer zichtbaar aan de buitenkant!!
  • Monocyten met internalisatie doen meer adhesie dan monocyten zonder internalisatie!
  • Welke moleculen zorgen voor adhesie?
    wCD11R3
    CD18
  • Welke moleculen zorgen voor fusie?
    virale glycoproteinen (gH)
  • Wat is de bestrijdingstactiek bij:
    • Lage seroprevalentie
    • Hoge seroprevalentie
    • Lage seroprevalentie: vaccinatieverbod + afslachten positieve dieren en bij uitbraak.

    • Hoge seroprevalentie: vaccinatieplicht (populatie-immuniteit > virustransmissie) (gE negatieve vaccins) > lage seroprevalentie > afslachten gE-positieve dieren.
  • Hoe ga je geïnfecteerde dieren onderscheiden van gevaccineerde dieren?
    geïfecteerd > gE positief
    gevaccineerd > gE negatief
  • Vaccinatie schema mestvarkens?
    1x intranasaal op 6 weken
    2x intramusculair op 10 + 14 weken
  • Wat is het vaccinatie schema voor jonge zeugen?
    2x voor het dekken met interval van 4 weken
  • Wat is het vaccinatie schema voor zeugen/beren?
    3x per jaar
  • Hoe is de status van België?
    aujeszky VRIJ! > MOMENTEEL IS ER EEN VACCINATIE VERBOD
  • Als gevaccineerd moeder varken toch haar biggen kan verwerpen, hoe kan vaccineren dan helpen?
    Omdat de ratio dan <1 is, dus het virus sterft langzaam uit.
Lees volledige samenvatting
Maak nu je eigen eFaqt account aan voor toegang tot deze en duizenden andere hoge kwaliteit samenvattingen.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Welke virussen veroorzaken lokale respiratoire problemen?
1
Voor welke structuren heeft PRCV tropisme?
1
Vanaf welke dag is er nasale excretie?
1
Wat geeft PRCV voor symptomen?
1
Pagina 1 van 47