Samenvatting Samenvatting

-
114 Flashcards en notities
3 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Samenvatting". De auteur(s) van het boek is/zijn x. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Samenvatting

  • 1 Bladzijde 1 tot en met 10

  • Uit welke vijf fasen bestaat de managementcyclus?
    1. Planning
    2. Inrichting
    3. Uitvoering
    4. Evaluatie
    5. Bijsturing
  • Wat zijn de drie fasen van het besluitvormingsproces
    1. Probleemdefinitie
    2. Inventarisatie van alternatieve oplossingen voor het probleem
    3. Keuze van het beste alternatief uit de verschillende oplossingen.
  • Waarvoor staat Corporate Governance?
    Goed ondernemingsbestuur
  • Wat is IT Governance
    Een onderdeel van corporate governane dat zich specifiek richt op de beheersingsmaatregelen rond IT
  • Welke 7 bedrijfsprocessen worden er binnen de organisatie volgens BIV uitgevoerd
    1. Inkoop
    2 Magazijn
    3. Verkoop
    4. Kas
    5. Productie
    6. Personeel
    7. Registratie & Controle
  • Wat is Bestuurlijke Informatievoorziening?
    Bestuurlijke Informatievoorziening omvat alle werkzaamheden gericht op het systematisch verzamelen, vastleggen en verwerken van gegevens.
  • Wat is het doel van Bestuurlijke Informatievoorziening?
    Informatie te verstrekken ten behoeve van het besturen, doen functioneren en beheersen van de organisatie alsmede ten behoeve van het afleggen van verantwoording.
  • Op welke 2 pijlers steunt het vak BIV?
    1. Grondpatroon van de informatievoorziening
    2. Waardenkringloop.
  • Wat is een typologie
    Een typologie is een logische indeling van organisaties aan de hand van specifieke kenmerken.
  • Welke typologien worden er volgens Starreveld onderscheiden?
    1. Groothandel
    2. Detailhandel
    3. Massaproductie
    4. Stukproductie
    5. Dienstverlenend met een beperkte doorstroming van eigen goederen
    6. Dienstverlenend met goederen van derden
    7. Dienstverlenend met betrekking tot levering via kabel
    8. Dienstverlenend met specifiek gereserveerde ruimten
    9. Dienstverlenend met niet specifiek gereserveerde ruimten
  • Waarom is het bepalen van de typologie zinvol?
    De typologie van een onderneming bepaalt de waardenkringloop en is daarvoor bepalend voor de wijze waarop de volledigheid van de opbrengstverantwoording kan worden gewaarborgd, daarnaast is de typologie medebepalend voor de informatie van de directie.
  • Teken schematisch een waardenkringloop
  • Aan welke 3 kwaliteitseisen met informatie voldoen?
    1. Begrijpelijkheid
    2. Doelgerichtheid
    3. Betrouwbaarheid
  • Teken het IPO schema
  • Teken het grondpatroon van de informatievoorziening
    Zie plaatje
  • Noem 2 doelen van het werken met schematechnieken
    1. Het verkrijgen van analytisch inzicht
    2. Het verkrijgen van informatief inzicht
    3. Werkinstructie
    4. Open einden worden zichtbaar
  • Wat zijn de 4 perspectieven van de Balanced Scorecard
    1. Financieel
    2. Intern
    3. Klant
    4. Innovatief
  • Noem 3 eisen met betrekking tot de geformuleerde kritische succesfactoren
    1. KSF moet richting bevatten
    2. KSF moet reëel zijn en passen bij de in de casus genoemde organisatie
    3. PI moet aansluiten bij de KSF
    4. PI moet meetbaar zijn
    5. Doelstelling moet een richting bevatten
    6. Doelstelling moet aansluiten bij de PI
  • Wat zijn kritische succesfactoren
    KSF zijn die factoren die voor een succesvolle ontwikkeling van de organisatie van doorslaggevend belang zijn en dus betrekking hebben op aandachtsgebieden of activiteiten die een constante aandacht van het management verdienen.
  • Wat is een prestatie-indicator?
    Een indicator waarmee gemeten kan worden of we daadwerkelijk succesvol zijn.
  • Noem 3 eisen aan een prestatie-indicator
    1. PI moet aansluiten bij de geformuleerde KSF
    2. De doelstelling en de geformuleerde prestatie-indicator moet direct aansluiten
    3. PI geeft nog geen doelstelling aan, maar alleen hoe de mate van succes kan worden gemeten.
    4. PI moet meetbaar zijn
    5. PI moet concreet zijn.
  • Waarvoor staat SMART?
    Specifiek
    Meetbaar
    Acceptabel
    Relevant/Realistisch
    Tijdsgebonden
  • Welke kolommen komen er bovenaan de Balanced Score Card?
    KSF
    PI
    Streefcijfer
  • Noem de 4 doelstelling van COSO
    1. Effectiviteit en efficiency van de bedrijfsprocessen
    2 Betrouwbaarheid van de (financiële) verslaggeving
    3. Naleving wet- en regelgeving
    4. Bereiken van strategische doelstelling
    5. Bewaking van activa
  • Wat zijn de 8 elementen van COSO ERM?
    1. Interne omgeving
    2. Het stellen van doelen
    3. Het identificeren van kritieke gebeurtenissen
    4. Risico-inschatting
    5. Beslissing inzake de wijze waarop op elk ingeschat risico zal worden gereageerd
    6. Beheersingsactiviteiten
    7. Informatie en communicatie
    8. Bewaking van de goede werking van het systeem van risicomanagment en bijsturen indien noodzakelijk.
  • Wat is interne controle?
    Gericht op het voorkomen dan wel detecteren van afwijking van de gestelde criteria
  • Wat internal control?
    Intern beheersing
  • Welke twee groepen controlemaatregelen zijn er?
    1. Preventief
    2. Repressief
  • Noem 2 voorbeelden van preventieve controlemaatregelen
    1. CTF
    2 Vaststellen bevoegdheden, richtlijnen, procedures en normen
    3. Opstellen begroting
    4. Opstellen budgetten
  • Wat zijn repressieve maatregelen?
    De controlemidelen
  • Welke 3 vormen van controle zijn er?
    1. Interne controle
    2. Externe controle
    3. Zelf controle
  • Noem 5 represieve controlemiddelen.
    1. Verbandscontrole
    2. Cijferbeoordeling/-cijferanalyse
    3. Aanwezigheidscontrole
    4. Ontstaanscontrole
    5. Afloopcontrole
    6. Opgave van of aan derden
  • Wat is het kader van controlebegrip paren het "paar" van formeel?
    Materieel
  • Wat is het kader van controlebegrip paren het "paar" van positief?
    Negatief
  • Wat is het kader van controlebegrip paren het "paar" van detail?
    Totaal
  • Wat is het kader van controlebegrip paren het "paar" van direct?
    Indirect
  • Wat is het kader van controlebegrip paren het "paar" van intergraal?
    Partieel?
  • Welke 5 controletechnische functies zijn er?
    Beschikken
    Bewaren
    Registreren
    Uitvoeren
    Controleren
  • Wat is het doel van doorvoeren van CTF?
    Creëren van tegengestelde belangen zodat het (vrijwel) onmogelijk wordt om gelden aan de onderneming te onttrekken zonder dat dit sporen achterlaat in het informatievoorzieningensysteem.
  • Hoe komt primaire functiescheiding tot stand?
    Door de verschillende CTF's op verschillende afdelingen onder te brengen
  • Wat is secundaire functiescheiding?
    Bij secundaire functiescheiding liggen verschillende verantwoordelijk heden of bij afzonderlijke afdeling, dan wel op één afdeling waarbij de werkzaamheden door verschillende medewerkers worden uitgevoerd.
  • Wat is functievermenging?
    Twee functies die qua aard gescheiden moeten zijn liggen dan bij één medewerker.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Uit welke vijf fasen bestaat de managementcyclus?
1
Wat zijn de drie fasen van het besluitvormingsproces
1
Waarvoor staat Corporate Governance?
1
Wat is IT Governance
1
Pagina 1 van 29