Samenvatting Pta muziek

-
23 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting Pta muziek

Mar van der Veer

(2013)

Samenvatting - Pta muziek

  • 1 Bas - begeleiding

  • Bourdon

    2 noten op kwintafstand van elkaar die steeds blijven liggen. Een doedelzak heeft vaak een bourdon. Ook in een orkeststuk kan een bourdon gebruikt worden. Een doedelzak heeft vaak een bourdon. 

  • Orgelpunt

    In de bas blijft 1 noot heel lang liggen

  • Basso ostinato

    Een motiefje in de bas wordt steeds herhaald.

    Heb je wel een harhaald motiefje maar niet in de bas, dan is het gewoon een ostinato

  • Ostinato

     

    Heb je wel een herhaald motiefje maar niet in de bas, dan is het gewoon een ostitnato

  • Passacaglia (Chiaconne) - klassiek

     

    Orgel of orkestwerk waarbij steeds dezelfde melodie in de bas klinkt. Bovenop diezelfde melodie klinken steeds andere variaties.

  • Bluesschema

     

    Nu is er sprake van een harmonisch terugkerend patroon: een schema van akkoorden dat door akkoordinstrumenten (piano/gitaar) steeds herhaald wordt. Andere instrumenten improviseren melodieën boven deze akkoorden. het klassieke bluesschema is: I I I I  IV  IV  I  I   V  IV  I I ( 12 maten)

  • 2 Homofoon - polyfoon

  • Homofoon

    Er is sprake van een melodie die begeleidende stemmen (akkoorden) heeft. Deze gaan mee in het ritme van de melodie, de stemmen zijn ondergeschikt

  • Polyfoon

     

    Er is sprake van meer melodieën door elkaar, ze hebben hun eigen ritme en men beweegt zich onafhankelijk van elkaar.

  • Unisono

    Ieder zingt/speelt dezelfde noten. Het is dus eenstemmig. Daar mogen octaven van verschil in zitten. Als men maar dezelfde notennaam zingt/speelt

  • Imitatie

    De stemmen zijn polyfoon,gaan hun eigen gang, maar apen elkaar na.

  • canon/ canonisch

    als de stemmen elkaar letterlijk nadoen

  • Een polyfone vorm

    passacaglia

  • Binnen hetzelfde werk kun je zowel homofonie als polyfonie hebben (denk aan het hallelujakoor)

  • 3 Ritmische figuren

  • Triolen

    verdeel je een noot in drieën dan krijg je triolen (schrijf er een 3tje bij)

  • 4 Toonsoorten

  • Toonladders

    bestaan meestal uit 7 tonen. Met die zeven tonen kunnen melodieën gemaakt worden. Er zijn echter ook liedjes die aan vijf tonen genoeg hebben. (volksliedjes/kinderliedjes). Dit noem je pentatoniek of pentatonisch

  • Moduleren/ modulatie

     

    Tijdens een werk van de ene naar de andere toonsoort gaan. Te zien aan de nieuwe voortekens die verschijnen voor de noten

  • Chromatiek (chromatische ladder)

     

    Het zingen en spelen in halve toonsafstanden waardoor de muziek 'kekleurd wordt (droevig, spannend enz)

  • opmaat

     

    een maatstreep betekent: hierachter komt de hoofdklemtoon van de maat. Je kunt een opdracht krijgen om maatstrepen te tekenen. Dat is niet zomaar aftellen maar eerst luisteren waar de eerste hoofdklemtoon komt. Voor die noot zet je een maatstreep. Daarvoor kan een opmaat komen: een of meer. noten zonder hoofdklemtoon.

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Bourdon
1
Orgelpunt
1
Basso ostinato
1
Ostinato  
1
Pagina 1 van 6