Samenvatting Orientatie In De Sociale Psychologie Het Individu En De Groep

-
ISBN-10 903131918X ISBN-13 9789031319183
424 Flashcards en notities
5 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Orientatie In De Sociale Psychologie Het Individu En De Groep". De auteur(s) van het boek is/zijn H A M Wilke. Het ISBN van dit boek is 9789031319183 of 903131918X. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Orientatie In De Sociale Psychologie Het Individu En De Groep

  • 1 Sociale psychologie ingeleid

  • Uit welke drie invalshoeken kan sociale beïnvloeding worden benaderd?

    het accent kan worden gelegd op intra persoonlijke, interpersoonlijke en groepsprocessen.

  • Hoe kan een wetenschapper beginnen met het waarnemen van verschijnselen?

    Door Inductie en deductie

  • inductie= van bijzondere naar algemenere beweringen gaan en worden theorieën geconstrueerd. Theorievorming

    Deductie=Uit een theorie specifieke beweringen afleiden.

  • wat houdt empirisch staven in?

    Empirisch staven houdt in dat we nagaan(meten) of een bewering houdbaar is of niet.

  • 1.1 Vragen stellen

  • Wat is wetenschappelijk bezig zijn?
    het stellen van vragen naar de oorzaken van verschijnselen.
  • 1.3 Sociale psychologie omschreven

  • wat onderzoeken sociaal psychologen?
    zij onderzoeken hoe gedachten gevoelens en gedragingen expliciet en impliciet beinvloed worden
  • Wat is het verschil tussen expliciet en impliciet?
    Expliciet: werkelijke aanwezigheid.
    • Impliciet: niet echt aanwezig, ‘in gedachten aanwezig’.
  • wat is het verschil tussen beleving en gedrag waar sociaal psychologen onderscheid in maken?
    • Beleving: manier waarop iemand iets ervaart of interpreteert.
    • Gedrag: extern waarneembaar gedrag, komt tot stand als gevolg van interne processen
  • Sociaalpsychologen bestuderen beleving en gedrag die expliciet en/ of impliciet beïnvloed worden door anderen. Ze stellen zich hier vragen over, formuleren antwoorden en verklaringen, verklaringen die getoetst worden. Zij doen dat in de hoop er greep op te krijgen, te begrijpen, wat de invloed s van de daadwerkelijke en impliciete aanwezigheid van anderen.
  • 1.4 Toetsing in de sociale psychologoe

  • Wat probeer je tijdens een correlationeel onderzoek te doen?
    je probeert antwoord te geven op de vraag bestaat er tussen twee factoren een verband? (correlatie)
  • Wat is het verschil tussen negatieve en positieve correlatie?
    Positieve correlatie: als twee variabelen een samenhang vertonen waarbij ze in dezelfde
    richting variëren. Als bij een relatief hoge (lage) waarde van de ene variabele een relatief hoge ( lage) waarde van de andere variabele hoort.
    • Negatieve correlatie: als de ene variabele afneemt zodra de andere toeneemt
  • Wat als er geen correlatie is?
    • Geen correlatie: wat de ene variabele ook doet, het maakt voor de andere niet uit.
  • Geef een voorbeeld wat correlatie inhoudt
    Hoe harder je trapt (kracht), hoe sneller de fiets vooruit gaat: Snelheid is
    de afhankelijke variabele, kracht is de onafhankelijke variabele.
  • Wat is het nut van een experimenteel onderzoek?
    Onderzoek dat bedoeld is om oorzakelijke relaties tussen
    verschillende factoren te ontdekken -> is er een oorzakelijk verband tussen variabelen?
  • Wat wordt er gemeten in een experimenteel onderzoek?
    Er worden systematisch twee onafhankelijke variabelen gevarieerd, namelijk veel versus weinig informatie die de ander tot zijn beschikking had en veel versus weinig participatie ( gegevensuitwisseling) tussen de proefpersonen en de ander.
    De afhankelijke variabele – de uiteindelijke meting- was vrij eenvoudig, namelijk of proefpersonen van standpunt waren veranderd.
    Wanneer de ander veel informatie bezat, veranderden de proefpersonen vaker van standpunt dan wanneer de ander weinig informatie bezat. En dat er bij veel participatie meer proefpersonen van standpunt veranderden dan bji weinig participatie. 
  • Wat is het verschil tussen correlationeel onderzoek en een experimenteel onderzoek?
    In Correlationeel onderzoek wordt duidelijk of en hoe sterk variabelen samenhangen, terwijl experimentele studies toetsing van oorzakelijke verbanden mogelijk maken. Zo komt uit correlationele onderzoek naar voren dat er een positief verband is – dat wil zeggen: zijn de scores op de ene variabele hoger, dan zijn ook die op de andere variabele hoger. Uit het experimentele onderzoek wordt duidelijk dat wanneer de ander veel informatie heeft en ook veel gelegenheid m invloed uit te oefenen, hij de proefpersoon vaker van standpunt kan doen veranderen.  
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Uit welke drie invalshoeken kan sociale beïnvloeding worden benaderd?
3
Hoe kan een wetenschapper beginnen met het waarnemen van verschijnselen?
3
wat houdt empirisch staven in?
3
wat onderzoeken sociaal psychologen?
2
Pagina 1 van 100