Ontwikkelingspsychologie (per.2) Class notes

by
170 Flashcards en notities
1 Studenten

Studeer slimmer met eFaqt samenvattingen

  • Beschikbaar voor computer, tablet, telefoon en op papier
  • Vragen met antwoorden over de leerstof
  • Ongelimiteerde toegang tot 300.000 online samenvattingen
  • Tools voor slim studeren & timers voor betere resultaten

Bekijk deze samenvatting

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Ontwikkelingspsychologie (per.2) Class notes

  • 1390863600 Ontwikkelingspsychologie

  • Ontwikkeling houdt in dat het gedrag van de mens veranderd. Dit is een duurzaam, onomkeerbaar proces dat leidt tot een organisatie van gedrag op meer gedifferentieerd en geïntegreerd niveau en dat gebaseerd is op de aanleg, rijping en leren.
  • Gedifferentieerd houdt in dat de persoon toe neemt in mogelijkheden van diverse aard. Dus hij gaat meer verscheidenheid vertonen.
  • Wat is nature?
    Een zaak dat gebaseerd is op de aanleg
  • Wat is nurture?
    De invloed van de omgeving
  • De rijping heeft invloed op de psychische ontwikkeling. Toename van de hersenfuncties maakt het mogelijk dat kinderen gaan...
    - Glimlachen
    - Lopen
    - Praten
  • Noem de vier verschillende gebieden qua ontwikkeling
    - Fysieke ontwikkeling
    - Cognitieve ontwikkeling
    - Persoonlijkheidsontwikkeling
    - Sociale ontwikkeling
  • De fysieke ontwikkeling is de opbouw van het lichaam. Denk aan hersenen, het zenuwstelsel, de zintuigen en de behoefte aan eten, drinken en slapen.
  • De cognitieve ontwikkeling is de manier waarop het gedrag van mensen wordt beïnvloed door groei en verandering in de eigenschappen die de ene persoon van de ander onderscheidt. 
  • De persoonlijkheidsontwikkeling heeft betrekking op stabiliteit en verandering in de eigenschappen die de ene persoon van de ander onderscheidt.
  • De sociale ontwikkeling heeft betrekking op de manier waarop interacties van mensen met elkaar en hun sociale relaties in de loop van hun leven groeien, veranderen en stabiel blijven.
  • Noem de vier belangrijke thema's in de ontwikkeling
    - Continuiteit versus discontinuïteit
    - Kritieke versus gevoelige periode
    - Nature versus nurture
    - Levensloop versus focus
  • Wie horen bij de evolutionaire stroming?
    Darwin, Gesell en Bowlby
  • Wie hoort bij de klassieke conditionering?
    Pavlov
  • Wie hoort bij de operante conditionering?
    Skinner
  • Wie hoort bij de conditionering van emoties?
    Watson
  • Gedrag ontstaat niet altijd meteen in definitieve vorm. Het kan ook door middel van bekrachtiging beetje bij beetje worden gevormd. Hoe noemt men dit?
    Shaping
  • Bij shaping worden onderdelen van het gewenste gedrag beloond totdat het gehele gedrag tot stand is gebracht. 
  • Operant conditioneren is een vorm van leren waarbij een vrijwillige respons versterkt of verzwakt wordt, afhankelijk van de positieve of negatieve consequenties hiervan
  • Wie hoort bij het model-leren?
    Bandura
  • Wat is model-leren?
    Leren door imitatie. Mensen leren door het gedrag van een ander persoon te observeren.
  • Vicarious reinforcement houdt in dat wij onszelf indirect beloond kunnen voelen, als wij zien dat gedrag van een ander beloond word.
  • Welke vier processen zijn belangrijk bij het leren door observatie?
    - Aandacht (=bewust waarnemen)
    - Geheugen (=zich herinneren)
    - Motorische reproductie (=kunnen nadoen)
    - Versterking/motivationele processen (=willen leren)
  • Degene waarop de seksuele drift zich richt wordt object genoemd. Hoe worden relaties met anderen genoemd?
    Objectrelaties
  • Van wie is de psychosociale ontwikkeling?
    Erikson
  • Welke tegenpolen horen bij de orale fase?
    Vertrouwen versus wantrouwen
  • Welke tegenpolen horen bij de anale fase?
    Zelfstandigheid versus schaamte/twijfel over zichzelf
  • Welke tegenpolen horen bij de fallische fase?
    Initiatief versus schuldgevoel
  • Welke tegenpolen horen bij de latentiefase?
    Vlijt versus minderwaardigheid
  • Welke tegenpolen horen bij de puberteit?
    Identiteit versus rolsverwarring
  • Welke tegenpolen horen bij de jongvolwassenheid?
    Intimiteit versus isolement
  • Welke tegenpolen horen bij de volwassenheid?
    Generativiteit versus stagnatie
  • Welke tegenpolen horen bij de ouderdom?
    integriteit versus wanhoop
  • Wat is de kern bij de cognitieve ontwikkelingspsychologische stroming?
    Het denken van het kind staat centraal
  • Waarom staan de factoren 'aanleg' en 'omgeving' iets op de achtergrond bij Piaget?
    Omdat hij ervan uitgaat dat het kind zijn eigen ontwikkeling bepaald op grond van de dingen die hij in zijn omgeving tegenkomt.
  • Welke stadia horen bij het model van Piaget?
    - Sensomotorisch stadium (0-2jaar)
    - Pre-operationeel stadium(2-7jaar)
    - Concreet-operationeel stadium (7-12jaar)
    - Formeel-operationeel stadium (vanaf 12jaar)
  • Wie probeert door welke theorie te achterhalen op welke manier mensen informatie opnemen, gebruiken en opslaan?
    Schaie, informatieverwerkingstheorie. 
  • Noem vijf omgevingsniveaus in het systematisch perspectief
    - Microsysteem
    - Mesosysteem
    - Exosysteem
    - Macrosysteem
    - Chronosysteem
  • Wat is het microsysteem?
    De dagelijkse directe omgeving (thuis, school, familie, vrienden)
  • Wat is het mesosysteem?
    Dit systeem zorgt voor de verbinding tussen de verschillende aspecten van het microsysteem
  • Wat is het exosysteem?
    Deze staat voor algemenere invloeden (lokale overheid, buurt, scholen, kerken). Zij hebben invloed op het micro- en mesosysteem
  • Wat is het macrosysteem?
    De overkoepelende culturele invloeden (religie, politiek gedachtegoed)
  • Wat is het chronosysteem?
    De invloed van het verstrijken van de tijd waardoor dingen veranderen (afgelopen jaren werken vrouwen meer, heeft dit effect op de ontwikkeling van de kinderen?)
  • Van wie is de socio-culturele theorie?
    Vygotsky
  • In plaats van zich te richten op individuele prestaties (zoals Piaget) richt Vygotsky zich op de sociale aspecten van leren en ontwikkelen
  • Het cefalocaudale principe is 
    van hoofd tot staart
  • Het proximodistale principe is 
    van het centrum van het lichaam naar buiten toe
  • De onafhankelijkheid van systemen zijn
    verschillende lichaamssystemen die een verschillend groeitempo hebben
  • Wat is plasticiteit?
    De mate waarin ontwikkelingsgedrag of fysieke structuur kan worden gewijzigd
  • Wanneer kan een kind naar het volgende stadium?
    - Als het kind het juiste niveau van fysieke rijping heeft bereikt
    - Als het kind is blootgesteld aan relevante ervaringen
  • Wat is adaptatie?
    Dit is de manier waarop kinderen reageren en zich aanpassen aan nieuwe informatie. 
Lees volledige samenvatting
Maak nu je eigen eFaqt account aan voor toegang tot deze en duizenden andere hoge kwaliteit samenvattingen.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Wat is nature?
1
Wat is nurture?
1
De rijping heeft invloed op de psychische ontwikkeling. Toename van de hersenfuncties maakt het mogelijk dat kinderen gaan...
1
Noem de vier verschillende gebieden qua ontwikkeling
1
Pagina 1 van 30