Samenvatting Inleiding strafrecht

-
594 Flashcards en notities
9 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Inleiding strafrecht

  • 1.1.1.1 Inquisitoire en accusitoire procesvormen

  • een accusatoir proces: twee partijen, die het niet eens zijn, en die ieder ten overstaan van een beslisser argumenten voor hun standpunt aandragen.
    een inquisitoir proces: een autoriteit die over iets moet beslissen en zelf verantwoordelijk is voor het onderzoek dat voor die beslissing nodig is
  • Accusatoir en inquisitoir zijn Latijnse woorden. Accusatio betekend beschuldiging en inquisitio betekend onderzoek.
  • Vanuit de verdachte: in een accusatoir proces is hij procespartij; in een inquisitoir proces is hij object van onderzoek.
  • In Nederland is het strafproces in de voorbereiding inquisitoir, het onderzoek ter terechtzitting is meer accusatoir maar de rechter blijft de baas.De tegenstander is dan de Officier van Justitie
  • Als eerste was er de oervorm van de accusatoire grondvorm voordat er sprake was van recht of rechtspleging. 
    Godsoordeel: De gedachte dat god degene liet winnen die gelijk heeft: de tweekamp.
    Hierna volgt dat de meningsverschillen niet meer lijfelijk worden uitgevochten maar voorgelegd worden en beargumenteerd voor een scheids(rechter). Rol is procedure bewaken of het allemaal eerlijk verloopt. Aan het eind neemt de (scheids)rechter op basis van de aangedragen argumenten een besluit. De scheids(rechter) heeft een lijdende rol.
  • Waar is deze ontwikkelingslijn van de accusatoire grondvorm)goed zichtbaar?
    In de juryrechtspraak van het Engelse en Amerikaanse proces. 
  • Het civiele proces van Nederland  is een zuiver accusatoire procedure
    De vader met een absoluut gezag over zijn mensen en zaken is de oervorm van de  inquisitoire procedure. De kern van een inquisitiore procedure is een autoriteit :Iemand met gezag, met zeggenschap over anderen.
    De rechter moet dus onderzoeken en heeft een actieve houding. 
  • Wat roept de term inquisitio als associatie op?
    De historische inquisitie van de katholieke kerk tegen ketters.
  • Waar is het juist verloop van de inquisitoire procedure van afhankelijk?
    De openheid, onpartijdigheid en onbevooroordeeld van de inquisiteur.
  • Wat houdt de quilty plea van het  Engelse strafproces in?
    Aan het begin van de terechtzitting wordt aan de verdachte gevraagd of hij schuldig is of niet. Zegt hij quilty dan wordt het delict in het geheeld niet onderzocht en gaat het alleen over de straf. 
  • Hoe is het Nederlands strafproces het best te typeren?
    • Het voorbereidend onderzoek is vooral inquisitoir te typeren: De verdachte is object van onderzoek
    • Het onderzoek terechtzitting is meer inquisitoir met enkele accusatoire trekken. De rechter is zelf verantwoordelijk voor het onderzoek waarop hij zijn beslissing baseert. Vanuit de verdachte is het onderzoek terechtzitting ook als accusatoir gekenmerkt. De verdachte is procespartij. De tegenpartij is de Officier van Justitie.
  • Het strafrecht is niet gericht op herstel voor de slachtoffers. Daarvoor is het civiele sanctiestelsel bedoeld.
  • In accusatoire strafprocessen is de tendens dat de functie van de benaaldeelde partij wordt overgenomen namens de samenleving door een publiek orgaan.
    In Engeland sinds 1986 is dit de Crown Prosecution Service. In Amerika de public prosecutor. 
  • Ook in Nederland is er een afzonderlijk volgend orgaan ontwikkeld. Het Openbaar Ministerie (OM). Als afsplitsing van de zelf onderzoekende rechter. 
    Een kwestie van taakverdeling. De verantwoordelijkheid voor het daadwerkelijke onderzoek in de fase voor de terechtzitting. De Rechter-Commissaris (R-C) de rechter die in de voorfase onderzoek doet en over de toepassing van dwangmiddelen beslist.
    Het OM heeft het vervolgingsmonopolie wat inhoudt dat het OM de bevoegdheid heeft tot we /niet vervolgen( art.167 en 242Sv en art. 124RO)
    In zijn dagvaarding formuleert hij de tenlastelegging(beschuldiging)van de verdachte.  
  • Welke rechter is er in Frankrijk verantwoordelijk voor het vooronderzoek?
    de Franse juge d' instruction
  • In welk buurland formuleert de rechter de uiteindelijke beschuldiging?
    Duitsland
  • In Nederland formuleerde de rechter de uiteindelijke beschuldiging in het oude Wetboek van Strafvordering. Wat is hier sinds 1926 van overgebleven? 
    de bezwaarschriftprocedure (een procedure die de verdachte kan instellen om zijn bezwaren tegen zijn vervolging van het OM aan een rechter voor te leggen, voordat de zaak op de zitting komt).
  • Inwendige openbaarheid  is de graadmeter voor de rol van de verdachte. 
    Inwendige openbaarheid heeft betrekking op de openbaarheid van processtukken/bewijsmaterialen jegens de verdachte.
    (art.30 en art 33Sv)
  • 1.1.1.2 Codificatie: de geschiedenis in het kort

  • Codificatie:
    -recht is opgeschreven
    -overheid kent een uitsluitende gelding toe aan dat recht
    -legaliteistbeginsel van toepassing
  • Wanneer spreekt men van codificatie
    Op het moment dat de overheid een aan haar gezag ontleende, uitluitende gelding toekent aan dat geschreven recht.
  • Begin: Staatsregeling voor het Bataafse Volk (1798)
    Wetboek van Strafvordering (1838) eigenlijk Frans 
  • Begin: Staatsregeling(grondwet) voor het Bataafse Volk (1798)
    Eerste strafrechtelijk product van het algemeen codificatiestreven was een wetboek van materieel strafrecht: Het Crimineel Wetboek voor het koninkrijk Holland (1809-1811)
    1810 t/m 1813 Code de Penal en de Code d' Instruction Criminelle en deze bleven ook na de onafhankelijkheid gelden met wat wijzigingen.
    Wetboek van Strafvordering (1838) eigenlijk een overname van de
    code D' Instruction Criminelle en ons eerste Wetboek van Strafvordering.
    Geersel en Worgbesluit schafte bepaalde straffen van de Franse overheerser af en de juryrechtspraak. Tevens werden de Nederlandse straffen geselen en de strop weer ingevoerd.
  • Door Codificatie:
    -rechtzekerheid
    -rechtseenheid
  • Wanneer is het wetboek van strafvordering van 1838 vervangen?
    In 1921 (in werking 1926) . Dit is ons huidige wetboek.
  • Wanneer kwam het Wetboek van Strafrecht tot stand en wanneer werd deze ingevoerd?
    In 1881 kwam deze tot stand en werd in 1886 ingevoerd.
  • Welke twee grondgedachten zijn er bij codificatie te onderscheiden?
    • De behoefte aan rechtszekerheid ,  de eis van van geschreven recht (legaliteitsbeginsel art 1 Sr en art 1 Sv)
    • de behoefte aan rechtseenheid  
  • Welke wijziging is er in het Wetboek van Strafvordering na 1926 geweest
    per 1 januari 2013 het gerechtelijk vooronderzoek afgeschaft( een fase in het voorbereidend onderzoek)
  • Wat is er sinds 1991 strafbaar gesteld in het Wetboek van Strafrecht?
    Verkrachting binnen het huwelijk
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

is al dat bijzondere strafrecht niet in strijd met de codificatiegedachte?
4
Wat is het materieelrechtelijk legaliteitsbeginsel?
4
Wanneer is een gedraging in het algemeen strafbaar?
4
Wat zijn simultane deelnemingsvormen?
4
Pagina 1 van 25