Samenvatting Handleiding Belastingrecht

-
107 Flashcards en notities
2 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Handleiding Belastingrecht". De auteur(s) van het boek is/zijn J A Rouwenhorst Drs R Willemse. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Handleiding Belastingrecht

  • 5.1 Algemeen

  • Wat is het belangrijkste verschil mbt belastbaar inkomen tussen de wet IB 1964 en de wet IB 2001?
    Bij de wet IB 1964 ging men uit van 1 belastbaar inkomen terwijl we met de wet IB 2001 zijn geen denken in drie belastbare inkomens verdeeld over drie boxen

  • Kan er onderling worden geschoven tussen de boxen?
    Neen, de boxen zijn gesloten in die zin dat het negatieve inkomen van de ene box in beginsel niet verrekend kan worden met het inkomen van een andere box.
  • Welke boxen onderscheidt de wet?
    Box 1. belastbaar inkomen uit werk en woning: belast tegen een progressief tarief van maximaal 52%
    Box 2. belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang: belast tegen een vast tarief van 25%
    Box 3. belastbaar inkomen uit sparen en beleggen: belastbaar tegen een vast tarief van 30%
  • Welke tarieven hanteert de wetgever in de drie boxen IB?
    Box 1. progressief tarief van maximaal 52%
    Box 2. vast tarief van 25%
    Box 3 vast tarief van 30%
  • 5.2 Opbouw van het belastbaar inkomen

  • Er kan in genisel geen verrekening plaatsvinden tussen de boxen, maar welke uitzonderingen kennen we?
    Een uitzondering geldt voor het resterende verlies uit aanmerkelijk belang nadat de aanmerkelijkbelang positie beëindigd is. Daarnaast geldt dat persoonsgebonden aftrek niet kan worden verrekend met het inkomen van box 1, verrekening met eerst box 3 en vervolgens met box 2 mogelijk is. 
  • Kan er binnen een box negatief en positief inkomen met elkaar verrekend worden?
    Ja zeker, zo kan bijvoorbeeld een verlies uit onderneming worden verrekend met een positief belastbaar loon.
  • Wat bevat het begrip winst uit onderneming?
    Dit bevat alle voordelen die een belastingplichtige met zijn onderneming behaalt. Dit betekent dat de wet zowel de directe ontvangsten en lasten , als de waardemutaties van de bedrijfsmiddelen in de belastingheffing betrekt.
  • Is het mogelijk bij de bepaling van het belastbaar loon de werkelijke kosten af te trekken?
    In de wet 2001 kunnen op het loon uitsluitend nog bepaalde forfaitaire aftrekbedragen in mindering komen. Dit is de werknemers aftrek. Deze bestaat alleen nog uit de reisaftrek.
  • Waar gaat het om bij belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden?
    Bij belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden gaat het om inkomsten uit werk (een restcategorie), niet zijnde belastbare winst uitonderneming of belastbaar loon.
  • Welke inkomsten vergelijkbaar met inkomsten uit onderneming wordt bij belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden gebracht?
    Inkomsten die vergelijkbaar zijn met winst uit onderneming, maar waarbij niet wordt voldaan aan de eisen die worden gesteld voor het drijven van een onderneming.
  • Noem de belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen die tot box 1 behoren.
    1. Bepaalde aangewezen periodieke uitkeringen (van publiekrechtelijke aard of rechtstreeks uit het familierecht voortvloeiend
    2. lijfrenten en periodieke uitkeringen en verstrekkingen voor zover ze gelden als inkomensvoorziening waarvoor de premies in aftrek zijn genomen op inkomen uit box 1
    3. uitkeringen op grond van verplichte pensioenregelingen
  • In welke box vallen de belastbare inkomsten uit eigen woning?
    Box 1.
  • De eigen woning maakt deel uit van box 1. wat betekent dit?
    Dit betekent ondermeer dat het eigen woningforfait moet worden aangegeven. Per belastingplichtige en zijn partner kan er in beginsel maar 1 woning als hoofdverblijf gelden. 
  • Vallen tweede en of recreatiewoningen ook in box 1?
    Tweede en of recreatiewoningen vallen onder het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen, box 3.
  • Welke kosten m.b.t. de eigen woning zijn aftrekbaar in box 1?
    1. de rente en kosten van geldleningen
    2. periodieke betalingen van erfpacht, opstal of beklemming
  • Welk beperkingen gelden er voor de aftrekbaarheid van renten inzak de eigen woning?
    1. De aftrek geldt voor een periode van maximaal 30 jaar
    2. in 2004 is er de zogeheten bijleen regeling toegevoegd wat inhoudt dat indien de oude woning wordt vervangen door een nieuwe alleen het rente bestanddeel aftrekbaar is voorzover de de hogere aanschafwaarde van de nieuwe eigenwoning en de eventuele kosten voor verbetering niet kan worden gefinancierd uit de opbrengst van de oude woning.
    3. De derde beperking is de per 2013 ingevoerde aflossingsverplichting.
  • Wat beoogt de regeling negatieve uitgaven voor inkomens voorzieningen?
    De regeling voor negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen ziet op de situatie dat in strijd wordt gehandeld met de wettelijke voorwaarden zoals die gelden voor aftrek van premies van lijfrenten en periodieke verstrekkingen.
  • Wat beoogd de regeling aftrek wegens geen of geringe eigen woningschuld?
    Miv 2005 heeft de wetgever een bijzondere regeling getroffen voor de situatie dat de aftrekbare kosten van de eigen woning lager zijn dan het eigen woning forfait. In dat geval heeft de belastingplichtige recht op een aftrek wegens geen of geringe eigen woningschuld.
  • Hoe hoog is de aftrek wegens geen of geringe woningschuld?
    De aftrek is gelijk aan de voordelen uit eigen woning verminderd met de op deze voordelen drukkende kosten. Hierdoor hoeft de eigenwoning bezitter in die situatie per saldo geen inkomsten uit de eigen woning aan te geven.
  • Voor welke situaties biedt de regeling uitgaven voor inkomensvoorziening om de premies en bijdragen in aftrek te brengen?
    1. premies lijfrenten ter compensatie pensioentekort
    2. premies voor lijfrenten waarvan de termijnen toekomen aan een meerderjarig invalide kind of kleinkind eindigend bij het overlijden
    3. premies voor aanspraken op periodieke uitkeringen en verstrekkingen ter zake van invaliditeit, ziekte of ongeval tbv de belastingplichtige
    4. bijdrage ingevolge artikel 66a, derde lid, anw. 
  • Wat voor een  systeem hanteert de wetgever voor de aftrek van lijfrente premies
    De wetgever hanteert een individueel systeem. De aftrek mogelijkheid is afhankelijk gesteld van de persoonlijke situatie.
  • Welke aftrek lijfrentepremies is mogelijk?
    Het is mogelijk om via de lijfrenteaftrek een uiterlijk bij de 70-jarige leeftijd ingaande oudedagsvoorziening en nabestaanden voorziening op te bouwen en een bestaand pensioentekort aan te vullen.
  • Mag je premies voor lijfrente ongelimiteerd aftrekken?
    Neen, de hoogte van het aftrekbare bedrag moet worden bepaald aan de hand van de jaarruimte of reserveringsruimte. 
  • Wat wordt verstaan onder de term persoonsgebonden aftrek?
    1. het gezamenlijke bedrag van de persoonsgebonden aftrekposten die in het kalenderjaar op de belastingplichtige drukken
    2. het gedeelte persoonsgebonden aftrekposten dat in voorafgaande jaren niet in aanmerking is genomen
  • Welke uitgaven gelden als persoonsgebonden aftrekposten?
    1. uitgaven voor onderhoudsverplichting (bv alimentatie)
    2. uitgaven voor het levensonderhoud van kinderen jonger dan 21 jaar
    3. specifieke zorgkosten (bv ziekte, invaliditeit)
    4. weekend uitgaven voor gehandicapten ouder dan 21 jaar
    5. scholingsuitgaven
    6. uitgaven voor monumentenpanden
    7. aftrekbare giften
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Wat is het belangrijkste verschil mbt belastbaar inkomen tussen de wet IB 1964 en de wet IB 2001?
1
Kan er onderling worden geschoven tussen de boxen?
1
Welke boxen onderscheidt de wet?
1
Er kan in genisel geen verrekening plaatsvinden tussen de boxen, maar welke uitzonderingen kennen we?
1
Pagina 1 van 27