Samenvatting Classical mythology

-
ISBN-10 0195308050 ISBN-13 9780195308051
185 Flashcards en notities
2 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Classical mythology". De auteur(s) van het boek is/zijn Mark P O Morford, Robert J Lenardon. Het ISBN van dit boek is 9780195308051 of 0195308050. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Classical mythology

  • 1.1 Mythen

  • Wat is een (a)etiologische mythe?

    aitia = oorsprong, reden. Mythen die de oorsprong van iets uitleggen, bijvoorbeeld de afkomst van de laurierboom.

  • Hoe definieert Burkert het begrip 'mythe'?

     

    'Myth is a traditional tale with secondary partial reference to something of collective importance.'

  • Er bestaan zeven soorten mythen. Welke?

    • kosmogonische (schepping)  & theogonische mythen (na de schepping, de goden)
    • godenmythen
    • heldenmythen
    • stichtingsmythen
    • etiologische mythen (oorsprong)
    • etymologische mythen (naamsverklaringen)
    • literaire mythen
  • Wat zijn de vijf belangrijkste kenmerken van mythen?

     

    • ze zijn vaak inconsistent (iemand sterft en leeft later in het verhaal ineens weer)
    • ze zijn meestal niet logisch
    • er bestaan vaak meerdere versies van
    • mythen beïnvloeden elkaar en vermengen zich
    • de overgeleverde versie is vrijwel nooit de oorspronkelijke versie (m.u.v. literaire mythen)
  • Wat is een sage?

    heroïsche vertelling met historische kern, speelt zich vaak af in een elite-milieu. Meestal is een sage opgetekend in dichtvorm. Ze worden geacht waar te zijn. De rol van God is beperkt. Ze lopen vaak slecht af.

  • Wat is een legende?

     

    Een traditionele vertelling in een christelijke context, meestal een heiligenverhaal.

     

  • Wat is een fabel?

    Een allegorisch verhaal (abstracte begrippen worden voorgesteld als personen, zoals jaloezie, dood, etc.). Dierenfabels komen voor: dieren figureren als mensen. Er zit een duidelijk moraal in. Het is een verzonnen verhaal dat de waarheid uitbeeldt.

     

  • Wat is folktale?

     

    Vanuit de belevingswereld van gewone mensen, onbepaald in tijd en plaats. Er spelen anonieme protagonisten (hoofdpersonen) in, vaak met de naam Hans of Jan. Het is een op zichzelf staande vertelling met vaste motieven, alles in drieën. Het eind is meestal happy en een sprookje wordt geacht niet waar te zijn.

     

  • Hoe gaat het verhaal van Oidipous?

     

    Hij groeit op bij pleegouders vanwege voorspelling van het orakel dat hij zijn vader zal vermoorden. Hij keert terug naar zijn geboortestad, vermoord zijn vader en trouwt met zijn moeder. Hij verslaat de sfynx door het raadsel op te lossen en steekt zijn eigen ogen uit. Zijn zoons vermoorden elkaar.

  • Wat is het geboorteverhaal van Zeus?

    Kronos eet al zijn kinderen als baby op. Wanneer hij de zevende (Zeus) wil opeten, geeft Rhea hem een steen in plaats van een baby. Wanneer Zeus volwassen is, geven ze Kronos een braakmiddel waardoor alle olympische goden worden uitgekotst. Kronos wordt in een ravijn in de hel gegooid.

  • Wat zijn de kenmerken van Apollo en hoe komt hij volgens Ovidius aan de lauwerkrans?

    Hij heeft een lier en een lauwerkrans, is gladgeschoren met een boog.

    Apollo bespot Eros (liefdesgodje). Het was een agonische cultuur (de beste zijn). Apollo zei: 'haha, wat een klein boogje, mijn boog is veel groter!'. Eros had naast liefdespijlen ook haatpijlen. Apollo kwam Daphne tijdens een wandeling tegen en werd op slag verliefd door de liefdespijl. Daphne wil niets van hem weten en rent ervandoor. Ze vraagt hulp aan haar vader (de riviergod Peduis) die haar verandert in een laurierboom. Ze is de eerste laurierboom ter wereld. Apollo plukt wat takken en draagt ze als krans. In het plaatsje Daphne staat de oorspronkelijke boom. Dit is een etiologische en een etymologische mythe. 

    De Grieken geloofden dat Zeus tevreden gesteld moet worden met laurier. Niemand mocht laurier kauwen, alleen het orakel in Delphi dat namens Apollo sprak.

     

     

  • 2 Griekse religie

  • Wat zijn de drie belangrijkste periodes uit de Oud-griekse geschiedenis en van wanneer tot wanneer waren ze?

     

    Archaïsche periode         800-500 v. C.

    Klassieke periode              500-350 v.C. (bloeitijd)

    Hellenistische periode    350-150 v.C.

  • Wie zijn de belangrijkste schrijvers van Epische poëzie?

     

    Homerus: Ilias en Odyssea  (oudste Griekse werk)

    Apollonius: Argonautica (maakte heimweepoëzie over Griekenland)

    Vergilius: Aeneïs (romeins epos, mythologisch verhaal met politieke betekenis, hij wilde de romeinen gelijkstellen aan de Grieken, naast overwinning ook cultureel. De romeinen stammen ook af van de Trojanen, wordt beweerd)

     

  • Wie zijn de belangrijkste tragedieschrijvers?

     

    Aischylos, Euripides en Sophokles

     

  • Wie zijn de belangrijkste mythologische verzamelaars?

    Hesiodus: Theogonie (het ontstaan van de goden en de eerste mensen)
    Ovidius: Metamorphosen
    Apollodorus: Bibliotheca

  • Wat zijn kenmerken van Griekse religie?

     

    Polytheïsme, antropomorfe (menselijke) goden, goden bestaan, ritueel staat centraal en de goden hebben verschillende gezichten. Goden zijn alleen antropomorf in de mythen, daarnaast niet. Ze kunnen nooit op twee plaatsen tegelijk zijn en zijn niet almachtig. 

     

  • Hoe ziet de Griekse wereld eruit en wat is een polleis?

    Het zijn de gebieden rond de aegeïsche zee. De Grieken zijn een zeevarend volk, wonen in een bergachtig gebied en er is weinig landbouwgrond. De politiek was zeer verdeeld.  Een polleis is een onafhankelijk staatje met landbouwgrond eromheen. Iedere polleis had zijn eigen politiek en religie.

  • Hoe kijkt Vernant tegen het godensysteem van de Grieken aan?

    Hij baseerde zich op semiotische (gebruik van tekens en tekensystemen), talige bronnen. Volgens Vernant vormt het systeem van goddelijke machten het religieuze systeem, dat volgens hem een hyrarchisch, geordend systeem is. De verschillende machten van de goden zijn strikt van elkaar gescheiden en er zijn geen almachtige goden. 

  • Hoe kijkt Burkert tegen het godensysteem van de Grieken aan?

    Hij baseerde zich op archeologie en afbeeldingen. Volgens Burkert is het een chaotisch systeem, niet alleen voor buitenstaanders, maar ook voor de Grieken zelf. Ze wisten vaak niet aan wie ze allemaal moesten offeren, daarvoor gingen ze naar een orakel.

  • Welke vier factoren bepalen volgens Burkert wat een god is?

     

    1. De gebruikte cultus (welke vereringsrituelen worden gebruikt?)
    2. Namen en bijnamen van de god
    3. De mythen waarin ze voorkomen
    4. (vereerde) afbeeldingen.
  • Noem de belangrijkste Pan-Helleense heiligdommen.

     

    • Delphi: cultus van Apollo Pythios. Orakel van Pythia (priesteres). Festival: Pythische spelen.
    • Olympia: Zeus Olympios. Festival: olympische spelen.
    • Dodona: Zeus. Orakel: ruisende bladeren in heilige eik.
  • Wat zijn de belangrijkste festivals, bij welke god horen ze en in welke stad vinden ze plaats?

     

    • Olympische spelen, Olympia, Zeus
    • Pythische spelen, Delphi, Apollo
    • Isthmische spelen, Korinthe, Poseidon
    • Nemeïsche spelen, Nemea, Zeus
  • Wat is een heiligdom en wat is het Griekse woord?

     

    Temenos: worden afgebakend door grensstenen (horoi) of een muur (peribolos). Een temenos is geen tempel maar een tempel is wel een heiligdom. Er staat een altaar (bomos) en iedereen die het betreedt moet rein zijn. Het altaar staat voor de tempel en offeren gaat richting oosten, naar de opgaande zon. Niet alleen de tempel is heilig, maar ook het hele gebied eromheen. Heiligdommen hebben naast het offeren ook een politieke en culturele functie.

    In een heiligdom mag niemand begraven worden omdat dit onrein is. Alleen mensen die na hun dood heilig zijn verklaard, mogen er begraven worden (zoals Erechteus, hij was de belangrijkste Athener).

  • Wat werd er aan goden geofferd, en wat aan helden?

     

    Goden:

    - bloedoffer (thyein)

    - wij-geschenk (iets dat is buitgemaakt)

    - plengoffer (sponde, melk of wijn)

    - tiende-offer (dekate, tiende van de graanoogst)

     

    Helden:

    - bloedoffer

    - wij-geschenk

    - plengoffer (chaoi)

  • Hoe gaat het verhaal van de beschermgod van Athene?

    Athena en Poseidon willen beide de beschermgod van Athene worden. Ze geven allebei een cadeau, de bewoners mogen kiezen welk geschenk het beste is en wie de beschermgod wordt. Poseidon schonk een bron met zoutwater. Athena schonk een olijfboom (de eerste van Athene). Athena was de winnaar.

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Wat is een (a)etiologische mythe?
2
Hoe definieert Burkert het begrip 'mythe'?  
2
Er bestaan zeven soorten mythen. Welke?
2
Wat zijn de vijf belangrijkste kenmerken van mythen?  
2
Pagina 1 van 47