Build up : woordenschat Engels voor 3-4 vmbo t en 3 havo-vwo

by
151 Flashcards en notities
3 Studenten

Studeer slimmer met eFaqt samenvattingen

  • Beschikbaar voor computer, tablet, telefoon en op papier
  • Vragen met antwoorden over de leerstof
  • Ongelimiteerde toegang tot 300.000 online samenvattingen
  • Tools voor slim studeren & timers voor betere resultaten

Bekijk deze samenvatting

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Build up : woordenschat Engels voor 3-4 vmbo t en 3 havo-vwo

  • 1.1 relationships 1

  • relationship = relatie
    relative = familielid
    to stay with = logeren bij
    adult = volwassene
    to consist of = bestaan uit
    eldest = oudste
    twins = tweeling
    first name = voornaam
    family name = achternaam
    mother-in-law = schoonmoeder
    ancestor = voorouder
    to bring up = grootbrengen
    to raise = grootbrengen, opvoeden
    foster parents = pleegouders
    stepfather = stiefvader
    aunt = tante
    cousin = neef, nicht
    nephew = neef
    niece = nicht
    to lose = verliezen
    loss = verlies
    in love with = verliefd op
    to fall in love with = verliefd worden
    fellow = kerel, vent
    guy = kerel, vent
  • relationship = relatie
    relative = familielid
    to stay with = logeren bij
    adult = volwassene
    to consist of = bestaan uit
    eldest = oudste
    twins = tweeling
    first name = voornaam
    family name = achternaam
    mother-in-law = schoonmoeder
    ancestor = voorouder
    to bring up = grootbrengen
    to raise = grootbrengen, opvoeden
    foster parents = pleegouders
    stepfather = stiefvader
    aunt = tante
    cousin = neef, nicht
    nephew = neef
    niece = nicht
    to lose = verliezen
    loss = verlies
    in love with = verliefd op
    to fall in love with = verliefd worden
    fellow = kerel, vent
    guy = kerel, vent
  • 2222222 bu 20,1

  • vijver
    pond
  • verdrinken
    to drown
  • kraan
    tap
  • gereedschap
    tool
  • in brand steken
     to set fire to
  • branden
    to burn
  • springen
    to jump
  • brandweer
    fire brigade
  • brandweerman
    fireman, firefighter
  • riskeren
    to risk
  • risico
    risk
  • gelukkig
    fortunately
  • uitgang
    exit
  • noodgeval
    emergency
  • bezitten
    to possess, to own
  • bezittingen
    possessions
  • vonk
    spark
  • uitdoen, doven, blussen
    to put out
  • emmer
    bucket
  • prullenmand
    waste-paper basket
  • zich verspreiden
    to spread
  • gehele
    whole
  • voorstad
    suburb
  • rij
    row
  • versieren
    to decorate
  • wolkenkrabber
    skyscraper
  • onbewoond
    uninhabited
  • inwoner
    inhabitant
  • achterbuurt
    slum
  • geboorte-
    native
Lees volledige samenvatting
Maak nu je eigen eFaqt account aan voor toegang tot deze en duizenden andere hoge kwaliteit samenvattingen.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

vijver
1
verdrinken
1
kraan
1
gereedschap
1
Pagina 1 van 38