Biologie Voor Jou vwo 6

by (4th)
488 Flashcards en notities
34 Studenten

Studeer slimmer met eFaqt samenvattingen

  • Beschikbaar voor computer, tablet, telefoon en op papier
  • Vragen met antwoorden over de leerstof
  • Ongelimiteerde toegang tot 300.000 online samenvattingen
  • Tools voor slim studeren & timers voor betere resultaten

Bekijk deze samenvatting

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Biologie Voor Jou vwo 6

  • 1 Stofwisseling

  • Wat wordt er met stofwisselingsreacties bedoeld?
    Het omzetten van de ene stof in de andere stof binnenin cellen, met behulp van enzymen en andere middelen waarvoor het DNA gecodeerd heeft.
  • 1.1 Atomen en moleculen

  • Wat zijn moleculen?
    De bouwstenen van een stof.
  • Wat zijn atomen?
    De bouwstenen van een molecuul, die uit verschillende elementen bestaan. 
  • Wat zijn sporenelementen?
    Elementen die slechts in zeer kleine hoeveelheden voorkomen.
  • Welke bindingen zijn er tussen atomen?
    1. Covalente binding of Atoombinding: binding tussen elektronen in enkele of dubbele paren. 
    2. Ionbinding: elektronen worden aangetrokken door de positieve kern van een ander atoom, ze komen op een vrije plaats in een schil van dat atoom.
  • Wat zijn de belangrijkste elementen die er in een mens worden gevonden?
    H - Waterstof
    C - Koolstof
    N - Stikstof
    O - Zuurstof
    F - Fluor
    Na - Natrium
    Mg - Magnesium
    P - Fosfor
    S - Zwavel
    Cl - Chloor
    K - Kalium
    Ca - Calcium
    Fe - Ijzer
    Cu - Koper
    Zn - Zink
    I - Jood
  • 1.1.1 Water

  • Wat zijn Waterstofbruggen?
    In een organisme ontstaan er veel molecuulbindingen door de aantrekkingskracht van positief geladen waterstofatomen en een groter negatief gelaten atoom.
  • Wat houdt het in als een molecuul polair is?
    Als een molecuul polair is, dan heeft het een positief geladen en een negatief geladen atoom, waartussen het ladingsverschil voldoende groot is. De atomen zijn zodanig ten opzichte van elkaar gepositioneerd, dat zij elkaars lading niet opheffen.  
  • Wat betekent het als een stof hydrofiel is?
    De stof kan door zijn polariteit of grote polaire groepen, goed met het uit polaire moleculen opgebouwd water worden vermengd.
  • Wat betekent het als een stof hydrofoob is?
    Apolaire moleculen als moleculen met CH-bindingen, kunnen geen binding aangaan met polaire moleculen, maar wel met apolaire moleculen als bijvoorbeeld oliën en vetten, die uit dezelfde verbindingen zijn opgebouwd.
  • Waardoor wordt de zuurgraad van een stof bepaald?
    Door de hoeveelheid vrije H+ -ionen in de stof krijgt de stof een lager pH en wordt een stof zuurder. Andersom wordt de oplossing basischer als de pH ervan hoger is en minder vrije H+ - ionen bevat.
  • 1.2 Organische stoffen

  • Welke organische stoffen zijn er van belang voor onze stofwisseling?
    1. Koolhydraten
    2. Lipiden
    3. Eiwitten
    4. Nucleïnezuren
  • 1.2.1 Koolhydraten

  • Welke koolhydraten zijn er? 
    mono- di- en polysachariden.
  • Hoe zie je het verschil tussen mono- di- en polysachariden?
    Een monosacharide heeft 5-6 C-atomen.
    Een disacharide bestaat uit twee monosachariden.
    Een polysacharide bestaat uit meerdere monosachariden. 
  • Welke sacharide is glucose?
    Een monosacharide.
  • Welke sacharide is sacharose?
    Een di-sacharide opgebouwd uit een alfa-glucose- en een fructosemolecuul.
  • Welke sachariden zijn amylose / zetmeel en cellulose en hoe ontstaan ze?
    Polysachariden.

    • Amylose ontstaat door condensatiereacties op chloroplasten en amyloplasten in plataardige cellen. Amylose is een bron van opgeslagen energie, cellulose is het hoofdbestanddeel van plantaardige celwand en geeft de vorm aan een plant.
    • Amylose ontstaat in dierlijke cellen door polycondensatiereacties in de lever en spieren , waarbij glycogeen gevormd wordt uit alfa-glucose.
  • Wat zijn condensatiereacties?
    Er wordt een binding gemaakt door afsplitsing van een waterstofmolecuul.
Lees volledige samenvatting
Maak nu je eigen eFaqt account aan voor toegang tot deze en duizenden andere hoge kwaliteit samenvattingen.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Wat is impulsgeleiding?
3
In welke twee situaties worden er impulsen door zenuwen voort geleidt?
3
Wat is een neuron en wat is de functie van een neuron?
3
Welke uitlopers hebben neuronen?
3
Pagina 1 van 97