Voortgangstoets

by (2016)
370 Flashcards & Notes
7 Students

Study smarter with eFaqt summaries

  • Available on desktop, tablet, mobile & print
  • Questions with answers about the material
  • Access to 300 000 online summaries
  • Smart study features & timers for more results

Get this summary

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Samenvatting - Voortgangstoets

  • 1 Hormonen en metabolisme

  • U bent huisarts en ziet de 6 dagen oude, Ã terme geboren baby Jochem op uw spreekuur omdat de entadministratie u heeft doorgegeven dat de CHT-screening positief is. De T4 waarde is -3,0 SD en de TSH is 2,0 mE/l (normaal 1-39 mE/l in de leeftijd van 1-4 dagen). Jochem is niet ziek. Hij drinkt goed, maar spuugt vaak een beetje. Bij lichamelijk onderzoek vindt u een temperatuur van 37,1 graden Celsius en geen afwijkingen. Welke van de diagnoses is op basis van deze bevindingen het MINST waarschijnlijk?
    Primaire hypothyreoïdie.
    Secundaire hypothyreoïdie.
    Tertiaire hypothyreoïdie.
    TBG-deficiëntie.
    Primair
  • Een sterk verhoogd gehalte van alfafoetoproteïne (AFP) in het vruchtwater kan verschillende oorzaken hebben. Welke van de hieronder genoemde aandoeningen leidt NIET tot een hoog AFP?
    Anencefalie.
    Dreigende intra-uteriene vruchtdood.
    Exomphalos.
    Open neuralebuisdefect, bijvoorbeeld meningomyelocele.
    Syndroom van Down.
    Syndroom van Down

    Triple test > laag AFP > meer risico op Down
  • Een patiënt heeft een metabole acidose. De volgende laboratoriumgegevens zijn bekend: bicarbonaat 15,8 mmol/l; base excess - 6,4 mmol/l; natrium 140 mmol/l en chloride 100 mmol/l. De aniongap bedraagt:
    9,4 mmol/l;
    17,8 mmol/l;
    24,2 mmol/l;
    24.2
  • De meest frequent voorkomende vorm van een schildkliercarcinoom is:
    Anaplastisch;
    Folliculair;
    Medullair;
    Papillair;
    papillair
  • Diabetes insipidus:
    Wordt veroorzaakt door een overproductie van anti diuretisch hormoon (ADH);
    Leidt tot de productie van grote hoeveelheden urine van hoog soortelijk gewicht;
    Wordt behandeld met desamino-D-arginine vasopressine (DDAVP);
    Wordt behandeld met desamino-D-arginine vasopressine (DDAVP);
  • Onder invloed van het hormoon calcitonine, geproduceerd door de schildklier, daalt het gehalte aan calcium in het bloed. Calcitonine:
    Remt de werking van osteoblasten;
    Remt de werking van osteoclasten;
    Stimuleert de werking van chondroblasten;
    Stimuleert de werking van osteoclasten;
    Remt de werking van osteoclasten
  • De belangrijkste functie van de capillairen van het hypophysio-portale systeem is het transport van stoffen naar de:
    Hypothalamus;
    Lichaamscirculatie;
    Pars distalis van de hypofyse;
    Pars nervosa van de hypofyse;
    Pars distalis

    Het primaire capillaire netwerk sluit aan op de beide arteriae hypofysliales superiores en is gelegen in de eminentia mediana en het infundibulum. Het netwerk bestaat uit capillairen met gefenestreerd endotheel. Ze verenigen zich tot poortaders die naar de pars distalis lopen. Hier vormen ze een secundair capillair netwerk, eveneens van gefenestreerde capillairen.
  • Wat is het verschil tussen hyperthermie op basis van inspanning en hyperthermie bij koorts?
    Bij inspanning is het temperatuur set-point verhoogd, bij koorts niet.
    Bij inspanning wordt hyperthermie opgewekt door pyrogenen, bij koorts niet.
    Bij koorts is de temperatuur boven het set-point, bij inspanning niet.
    Bij koorts is het temperatuur set-point door pyrogenen verhoogd, bij inspanning niet.
    Bij koorts is het temperatuur set-point door pyrogenen verhoogd, bij inspanning niet.
  • FSH en LH zijn:
    Decapeptiden;
    Glycoproteïnen;
    Lipoproteïnen;
    Steroïdhormonen;
    Glycoproteïnen
  • U bepaalt bij een patiënte met depressieve klachten de TSH en het vrije T4-gehalte. Het vrije T4-gehalte is verlaagd en het TSH-gehalte is verhoogd. Het meest waarschijnlijk is hier sprake van:
    Primaire hyperthyreoïdie;
    Primaire hypothyreoïdie;
    Secundaire hyperthyreoïdie;
    Secundaire hypothyreoïdie;
    Primaire hypothyreoïdie
  • Een neonaat heeft acuut leverfalen. Als dit leverfalen berust op een aangeboren ureumcyclusdefect dan past hierbij een:
    Hyperammoniëmie;
    Hyperfosfatemie;
    Hyperglykemie.
    Hyperammoniëmie

    De ureumcyclus produceert ureum uit ammoniak en kooldioxide en stelt ons in staat via de urine overtollige stikstof uit te scheiden in een niet giftige en goed oplosbare vorm. Deze stikstof komt beschikbaar bij de afbraak van aminozuren, waarbij asparaginezuur en glutaminezuur als laatste tussenschakel fungeren.
    Binnen de ureumcyclus zijn vijf enzymdefecten bekend welke allen resulteren in hyperammoniëmie. ( te hoog ammoniakgehalte van het bloedserum ). Verstoring van de ureumcyclus veroorzaakt geen acidose, ketose of hypoglycemie, maar manifesteert zich als een direct toxisch effect van ammoniak op het centrale zenuwstelsel.
  • Familiaire hypercholesterolemie is een erfelijke aandoening waarbij de cholesterolhuishouding verstoord is. De oorzaak is meestal gelegen in een afwijking in de:
    Cholesteroloxidatie;
    HDL-receptor;
    HMG-Co reductaseactiviteit;
    LDL-receptor;
    LDL-receptor

    Familiaire hypercholesterolemie erft autosomaal dominant over. De meest voorkomende oorzaak is een verandering in het LDL-receptor gen. 
  • Het Köbnerfenomeen is het verschijnsel dat huidafwijkingen zich ontwikkelen op plaatsen waar de huid een niet-specifiek trauma heeft ondergaan. Bij welk van de volgende aandoeningen wordt dit het meest frequent gezien?
    Atopisch eczeem;
    Pityriasis rosea;
    Psoriasis;
    Psoriasis

    Het Köbner fenomeen (ook wel isomorf prikkeleffect van Köbner genoemd) is het fenomeen dat een huidziekte ontstaat of zich uitbreidt naar plaatsen waar de huid een of ander trauma heeft ondergaan. Dat kan een mild trauma zijn, bijvoorbeeld een kras op de huid. Een ander voorbeeld is een tatoeage waarin sarcoïdose ontstaat. Het mechanisme is onbekend. Het niet-specifieke (milde) ontstekingsinfiltraat wat ontstaat op een geprikkelde plaats gaat over in het specifieke infiltraat van bijvoorbeeld sarcoïdose of psoriasis. Verspreiding van laesies kan ook via een eenvoudige besmetting (auto-inoculatie): in een kras van de huid kunnen lineair gerangschikte impetigo pusteltjes ontstaan, of herpes, verrucae vulgares, verrucae planae, of condylomata acuminata. Dat wordt echter niet bedoeld met het Köbner fenomeen. Urticaria factitia zou men wel kunnen beschouwen als een soort Köbnerfenomeen. Een bijzondere vorm is het ontstaan van ulcera of pustels door prikken in de huid met een naald. Dit wordt ook wel pathergie genoemd en komt voor bij pyoderma gangrenosum en de ziekte van Behçet. Bij pyoderma gangrenosum kunnen uitgebreide ulcera ontstaan na een trauma van de huid, bijvoorbeeld een ingreep (necrotomie, huidtransplantatie). Dit komt ook voor bij calciphylaxis, en bij ischemische ulcera waarbij de zuurstofvoorziening rond het ulcus marginaal is.  
  • In welk van onderstaand organen worden het meest frequent uitzaaiingen van een mammacarcinoom aangetroffen?
    Hersenen.
    Lever.
    Longen.
    Skelet.
    Skelet
  • Diabetes insipidus is een afwijking die wordt veroorzaakt door een:
    ADH-deficiëntie van de adenohypofyse;
    ADH-deficiëntie van de neurohypofyse;
    ACTH-deficiëntie van de adenohypofyse;
    ACTH-deficiëntie van de neurohypofyse;
    ADH-deficiëntie van de neurohypofyse;
  • Verschillende hormonen zijn betrokken bij het metabolisme. Het hormoon dat de afbraak van vetten reguleert is:
    Adrenaline;
    Cortisol;
    Glucagon;
    Insuline;
    Glucagon
  • Prostaglandines zijn onder andere betrokken bij de bloedstolling. Zij worden gevormd uit:
    Arachidonzuur;
    Cholesterol;
    Glutamine;
    Arachidonzuur
  • Een 62 jaar oude man heeft leverziekte in samenhang met een 25-jarige geschiedenis van alcoholmisbruik. Hij bezoekt zijn huisarts met klachten van zwelling in het abdominale gebied. De huisarts constateert dat er sprake is van de aanwezigheid van ascites. Welk van de onderstaande mogelijkheden is de meest waarschijnlijke oorzaak van deze ascites?
    Toename in de druk van de vena portae.
    Toename in de hydrostatische druk van de peritoneale vloeistof.
    Toename van de druk in de arteria hepatica.
    Toename van de druk in de vena hepatica.
    Toename van de plasma-albumineconcentratie.
    Weet ik niet.
    Vena portae

    Wanneer leverparenchymcellen worden vernietigd, worden ze vervangen door fibreus weefsel dat uiteindelijk samentrekt rond de bloedvaten, waardoor de perfusie van portaal bloed doorheen de lever afneemt. Deze toename in vasculaire weerstand leidt tot een toename in de druk van de vena portae, waardoor op zijn beurt de capillaire druk in de darmvaten toeneemt, wat tenslotte leidt tot exsudaat dat in de buikholte loopt.
  • De zogenaamde tripeltest in de zwangerschap ter detectie van aangeboren afwijkingen berust op een combinatie van bepalingen van het maternale:
    AFP, hCG en oestriol;
    HCG, oestriol en een vlokkentest;
    HCG, vlokkentest en een nekplooimeting;
    Oestriol, AFP en een nekplooimeting;
    AFP, hCG en oestriol;
  • Bij het adrenogenitaal syndroom veroorzaakt door een 21-hydroxylasedeficiëntie is de ACTH-bloedspiegel verhoogd. Wat geldt voor de testosteronconcentratie in het bloed bij de meerderheid van deze patiënten? Deze is:
    Normaal;
    Verlaagd;
    Verhoogd;
    Verhoogd
  • Voor welk effect zorgt het schildklierhormoon?
    Het leidt tot verhoogde zuurstofconsumptie en warmteproductie.
    Het remt de lengtegroei.
    Het remt de effecten van adrenerge hormonen.
    Het stimuleert de vetsynthese.
    Het leidt tot verhoogde zuurstofconsumptie en warmteproductie.
  • Welk van de onderstaande celtypen is verantwoordelijk voor de synthese van glucagon?
    Alfacellen van de eilandjes van Langerhans.
    Bètacellen van de eilandjes van Langerhans.
    EC-cellen van de darm.
    G-cellen van de maag.
    Alfa
  • Patiënten met hyperthyreoïdie op basis van de ziekte van Graves hebben antistoffen die belangrijk zijn in de pathofysiologie van deze ziekte. Deze antistoffen:
    Blokkeren de TSH-receptor waardoor overproductie van TSH ontstaat;
    Binden de TSH-receptor en geven aanleiding tot overproductie van schildklierhormoon;
    Binden de TRH-receptor waardoor overproductie van TSH ontstaat;
    Binden thyreoglobuline wat leidt tot destructie van schildklierweefsel waardoor overmatig schildklierhormoon vrijkomt
    Binden de TSH-receptor en geven aanleiding tot overproductie van schildklierhormoon;
  • Dopamine wordt gevormd uit een:
    Aminozuur;
    Steroïd;
    Vetzuur;
    Aminozuur
  • Een 38-jarige vrouw met een BMI van 36 is bekend met een trombosebeen 1,5 jaar geleden. Zij wenst een oraal anticonceptivum te gaan gebruiken. In dit geval is de beste keuze een preparaat met:
    Uitsluitend oestrogeen;
    Oestrogeen en progestageen;
    Uitsluitend progestageen;
    Progestageen
  • Welk type allergische reactie (volgens de Gell-Coombs classificatie) ligt ten grondslag aan contactallergisch eczeem?
    Type I.
    Type II.
    Type III.
    Type IV.
    IV
  • Cholecystokinine is een spijsverteringshormoon dat bij de doelorganen leidt tot contractie of secretie. Welk van onderstaande organen reageert met exocriene secretie op cholecystokinine? Dat is:
    De galblaas;
    De maag;
    Het pancreas;
    Pancreas
Lees volledige samenvatting
Maak nu je eigen eFaqt account aan voor toegang tot deze en duizenden andere hoge kwaliteit samenvattingen.

Example questions in this summary

Vier jaar na de menopauze is de spiegel van de gonadotropinen in het bloed definitief veranderd ten opzichte van de situatie van voor de menopauze:
4
Bij een te sterke werking van de bijschildklier (hyperparathyreoidie) wordt er een teveel aan bijschildklierhormoon (parathyreoid hormoon) geproduceerd. Hierdoor wordt de activiteit van osteoclasten te sterk gestimuleerd. Bij deze patiënten is, op termijn, de kans op fracturen:a. Afgenomenb. Toegenomenc. Onveranderd gebleven
4
In welk orgaan wordt calcitonine geproduceerd?a. De bijschildklierb. De leverc. De nierd. De schildklier
4
Functie van prolactine
4
Page 1 of 77