Medische anatomie & fysiologie

by (1st)
753 Flashcards & Notes
57 Students

Study smarter with eFaqt summaries

  • Available on desktop, tablet, mobile & print
  • Questions with answers about the material
  • Access to 300 000 online summaries
  • Smart study features & timers for more results

Get this summary

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Samenvatting - Medische anatomie & fysiologie

  • 2 Circulatie

  • Hebben chimpansees of mensen een beter kortetermijngeheugen?
    Chimpansees!
  • wat zijn de eigenschappen van collage vezels
    onvertakt, sterk, weinig elastisch, trekvast
  • welke soorten eiwitvezels kunnen steunweefsels bevatten?
    Collagene, Elastische, reticulin
  • 2.1 Bloed

  • Wat is homeostase?
    Dat door de circulatie het inwendig milieu constant van samenstelling blijft. Hierdoor kunnen alle cellen op ieder moment over voldoende zuurstof en voedingsstoffen beschikken zodat het celmetabolisme normaal kan verlopen.
  • 2.1.1 Samenstelling van het bloed

  • Wat is de samenstelling van bloedcellen?
    - erytrocyten (rode bloedcellen);
    - leukocyten (witte bloedcellen);
    • granulocyten;
    • lymfocyten;
    • monocyten;
    - trombocyten (bloedplaatjes).
  • Wat is de samenstelling van bloedplasma?
    - water
    - plasma-eiwitten:
    • albumine;
    • globulinen: alfaglobulinen, betaglobulinen, gammaglobulinen;
    • fibrinogeen
    - zouten (ionen), onder andere Na+, K+, Ca2+, PO4 3- (fosfaat), Cl- 
       (chloride), HCO3- (monowaterstofcarbonaat = bicarbonaat);
    - voedingsstoffen zoals glucose, aminozuren, vetzuren, glycerol en       
       vitaminen;
    - hormonen;
    - afvalstoffen (o.a. ureum, urinezuur, CO2, bilirubine).
  • Wat is de verhouding van bloedplasma en bloedcellen in het bloed?
    • Bloedplasma 55% van het totale bloedvolume;
    • Bloedcellen 45% van het totale bloedvolume.
  • 2.1.2 Functies van het bloed

  • Wat zijn de drie belangrijke functies van bloed?
    • transport van o.a. de gassen O2 en CO2, voedingsstoffen, hormonen, eiwitten en excretieproducten; in dit verband kan ook het transport van wartme genoemd worden, zodat de lichaamstemperatuur constant blijft. (Sommige stoffen zijn slecht in water oplosbaar en daarom niet simpel door het bloed te vervoeren. Ze worden door koppeling aan transporteiwitten zoals albumine, alfa- en betaglobulinen, vervoerd);
    • handhaven van een constant inwendig milieu ten aanzien van o.a. (kristalloïd)-osmotische druk (COD) en pH;
    • beschermende functie. Het bloed biedt bescherming tegen ziekteverwekkers en andere lichaamsvreemde stoffen. Een tweede belangrijke beschermende functie van het bloed bestaat uit het proces van de bloedstelping (hemostase).
  • 2.1.3 Bloedplasma

  • Wat zijn de functies van plasma-eiwitten?
    • handhaving van de COD (COD): o.a. belangrijk bij de uitwisseling in de capillairen en bij de ultrafiltratie in de nefronen; deze komt vooral op rekening van albumine, de grootste eiwitfractie van het bloedplasma;
    • transportmiddel (albumine, alfa- en betaglobulinen): van o.a. lipiden, niet-wateroplosbare hormonen, ijzer, koper en calcium. Daarnaast zorgt albumine voor het vervoer van galkleurstoffen (bilirubine). Ook niet water-oplosbare geneesmiddelen worden, gebonden aan albumine, door het bloed vervoerd. 
    • antilichamen: gammaglobulinen. De gammaglobulinefractie bevat de verzameling van antilichamen in het bloed van één persoon.
    • stollingsfactoren: zie coagulatie
    • enzymen
    • bufercapaciteit: bij een dreigende pH-daling (acidose) zijn de plasma-eiwitten (bijv. albumine) in staat H+ -ionen te binden; bij een pH-stijging (alkalose) kunnen zij extra H+ -ionen aan het bloed afstaan
    • eiwitreserve: in de lever kunnen de eiwitten gesplitst worden tot aminozuren, die weer kunnen worden gebruikt voor de aanmaak van lichaamseiwitten; daarnaast kunnen de aminozuren worden omgezet tot glucose.
  • Hoe kan bloedplasma verkregen worden?
    Door bloed dat onstolbaar is gemaakt met een anticoagulans (antistollingsmiddel), zoals heparine of citraat, te centrifugeren. Onder in de centrifugebuis komen de bloedcellen en bovenin het lichgele, heldere bloedplasma.
  • Wat is serum?
    Bloedplasma zonder stollingseiwitten zoals fibronogeen (de vloeistof bijv. die uit een bloedprop wordt geperst wanneer stolling optreedt. Dit kan gebeuren als er geen anticoagulans is toegevoegd in het buisje).
  • Wat wordt onder hematocrietwaarde (Ht) verstaan?
    Het deel van het bloedvolume dat in beslag genomen wordt door de bloedcellen, uitgedruk in l/l. Het zal duidelijk zijn dat de hematocrietwaarde hoofdzakelijk wordt bepaald door het aantal rode bloedcellen (95% van alle bloedcellen).
  • Wat is de gemiddelde hematocrietwaarde (Ht)?
    0,45 l/l, oftewel 0,45 liter cellen per liter bloed.
  • Wat wordt er vaak gebruikt om dehydratie bij de patiënt vast te kunnen stellen?
    De hematocrietwaarde (Ht), omdat bij vochtverlies de Ht sterk verhoogd zal zijn.
Lees volledige samenvatting
Maak nu je eigen eFaqt account aan voor toegang tot deze en duizenden andere hoge kwaliteit samenvattingen.

Example questions in this summary

Hebben chimpansees of mensen een beter kortetermijngeheugen?
4
welke soorten eiwitvezels kunnen steunweefsels bevatten?
4
wat zijn de eigenschappen van collage vezels
4
Wat is homeostase?
2
Page 1 of 150