Het staatsrecht van 15 landen van de Europese Unie

by (7e, geheel herz. dr.)
ISBN-10 9013056873 ISBN-13 9789013056877
340 Flashcards & Notes
4 Students

Study smarter with eFaqt summaries

  • Available on desktop, tablet, mobile & print
  • Questions with answers about the material
  • Access to 300 000 online summaries
  • Smart study features & timers for more results

Get this summary

Samenvatting - Het staatsrecht van 15 landen van de Europese Unie

  • 1.1 De staat Belgie

  • Hoe ziet de periode vóór de Belgische onafhankelijkheid eruit? 
    De Zuidelijke Nederlanden leefden onder Spaanse en Oostenrijkse bewindvoerders. In 1581 kam het Noorden in opstand tegen het bewind van Filips II die vanuit Spanje regeerde. Het Noorden kende een steile opgang, terwijl het Zuiden een economische terugval kende. In 1815 werd het Noorden en Zuiden herenigd (Verenigd Koninkrijk der Nederlanden) door het Congres van Wenen dat moest dienen tegen het Franse imperialisme (=uitbreiding van je macht, nieuwe gebieden veroveren). Koning Willem I kwam aan de macht, maar leidde in het Zuiden tot politieke ontevredenheid. Hij trachtte het onderwijs uit de katholieke sfeer te brengen en voerde de Nederlandse taal in terwijl de liberale burgerij Franssprekend was. 
    In 1830 scheurde het Zuiden zich dan ook los van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en op 4 oktober werd dan ook de Belgische onafhankelijkheid afgekondigd. 
  • Wanneer kwam de eerste GW en waarom?
    De GW was een reactie tegen het bewind van Willem I, dat door Katholieken en Liberalen als onderdrukkend werd ervaren. Er kwam een zeer liberale GW die vertrouwen uitstraalde in het parlement als vertegenwoordiger van de Natie evenals diep wantrouwen tegen de uitvoerende macht die onder politiek en rechterlijk toezicht werd gesteld. In 1831 deed koning Leopold I uit Duitsland zijn intrede en in dat jaar kwam de GW tot stand. 
  • Welke staatsvorm had België ten tijde van de eerste GW in 1831? 
    De GW richtte het land is als een gedecentraliseerde eenheidsstaat. Maar de burgers waren Franstalig en de arbeidsklasse was Vlaams. Dat leidde tot een tweespalt die uitmondde in het federale België. 
  • Welke taalgebieden kent het land en wanneer kwamen die in de GW te staan? 
    Art. 4 Gw: Nederlands (groen), Frans (blauw), Duits (geel/oranje) en tweetalige Ned-Frans gebied Brussel-Hoofdstad (groen/blauw). 
  • België werd in 1830 onafhankelijk. Tussen 1970 en 1993 evolueerde het land tot een efficiënte federale structuur. Dit gebeurde via vijf staatshervormingen (in 1970, 1980, 1988-89, 1993 en 2001). Daarom zegt het eerste artikel van de Belgische grondwet vandaag: "België is een federale staat, samengesteld uit de gemeenschappen en de gewesten".
  • De macht om beslissingen te nemen behoort niet exclusief toe aan de federale regering en parlement. Leg uit. 

    - Gemeenschappen: De herverdeling van de bevoegdheden verliep langs twee lijnen. De eerste lijn heeft te maken met taal en, in een ruimer kader, met alles wat de cultuur aangaat. Hierdoor ontstonden de gemeenschappen. Het concept "gemeenschap" verwijst naar de personen waaruit zo'n gemeenschap bestaat en naar de band die deze personen verenigt, namelijk hun taal en cultuur. België kent drie officiële talen: het Nederlands, het Frans en het Duits. Daarom heeft België vandaag drie gemeenschappen: de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap. Deze gemeenschappen stemmen dus overeen met de bevolkingsgroepen.

    - Gewesten: De tweede lijn van de staatshervorming werd historisch geïnspireerd door economische belangen. De gewesten, met name het Waalse, die naar meer economische autonomie streefden, drukken deze belangen uit. De oprichting van drie gewesten was hiervan het gevolg: het Vlaamse Gewest, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Waalse Gewest. Ze zijn tot op een zekere hoogte vergelijkbaar met de Amerikaanse Staten en de Duitse "Länder".

  • Welke bevoegdheden hebben een gemeenschap?
    Taal, cultuur, onderwijs en persoonsgebonden aangelegenheden. 
  • Hebben gemeenschappen en gewesten een parlement en regering?
    Ja, allemaal. Parlement heette voorheen Raad en regering Executieve.
  • Wanneer kan de grens van een taalgebied worden gewijzigd?
    Alleen door een wet met bijzondere meerderheid aangenomen. 
  • Hoe vallen de gewesten en gemeenschappen samen met de taalgebieden?
    Waalse Gewest: Franse en Duitse taalgebied
    Vlaams Gewest: Nederlands taalgebied
    Brussels Hoofdstedelijk Gewest: tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad (Ned en Fra).
    ----
    Vlaamse Gemeenschap: Nederlands taalgebied + tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad
    Franse Gemeenschap: Franse taalgebied + tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad
    Duitse Gemeenschap: Duitse taalgebied.
  • Wanneer hebben taalgroepen een bijzondere betekenis als over een wet moet worden gestemd?
    Als een wet moet worden gestemd bij bijzondere meerderheid. Bijzondere meerderheidswetten moeten worden gestemd met een meerderheid in elke taalgroep en een twee derden meerderheid over beide taalgroepen, zodat elke taalgroep een vetorecht krijgt.
    Zo dient bijvoorbeeld de inrichting van de gemeenschappen en de gewesten -op de Duitstalige gemeenschap na- of de regeling van het Grondwettelijk Hof te gebeuren met instemming van de meerderheid in zowel de Franse als de Nederlandse taalgroep in Kamer en Senaat en een twee derde meerderheid over beide taalgroepen. Ook de Nederlands-Franse taalpariteit (gelijke, evenwichting verdeling) in de federale regering is erop gericht de belangen van elke taalgemeenschap te verzekeren bij het tot stand komen van de besluitvorming.
  • Hoe wordt een taalgroep naast een bijzondere meerderheidswetten nog meer beschermd? 
    In het geval van wetten die met een gewone meerderheid kunnen worden aangenomen: elke taalgroep kan een 'alarmbel' luiden wanneer zij vreest dat deze wet de betrekkingen tussen de gemeenschappen ernstig in gevaar kan brengen. Die alarmbelprocedure schorst de parlementaire wetgevingsprocedure en leidt tot politiek overleg tussen de taalgroepen. 
  • 1.2 Het staatstype

  • België is een erfelijke monarchie, een democratische rechtsstaat, een federale staat met een parlementair regime en een sterk ontwikkelde belangenvertegenwoordiging, en met functionele en territoriale decentralisatie. 
  • Om de kans op machtsmisbruik te beperken werd een scheiding der machten ingevoerd die de lijn van de trias politica volgt (niet eenvoudig). Veeleer worden de functies zelfs uitgesplitst en toevertrouwd aan meerdere organen tegelijk opdat die tot samenwerking verplicht, elkaar wederzijds van machtsmisbruik zouden weerhouden. Hoe stelt de GW de federale wetgever samen? En de rechtsprekende functie? En de wetgevende functie? 
    Wetgever: de koning, hoofd van de uitvoerende macht en de Kamer van volksvertegenwoordigers en de Senaat samen. 
    Rechterlijke macht: de hoven en rechtbanken van de rechterlijke macht, maar ook door met eigenlijke rechtspraak belaste organen die thuis horen in de uitvoerende macht. 
    Wetgever: door de organen van de wetgevende macht en door vele centrale en gedecentraliseerde organen van de uitvoerende macht.  
  • Waarom is België een rechtsstaat?
    Omdat men tracht overheidswillekeur te beperken door de binding van de overheid aan vooraf bepaalde, algemene rechtsregels. De federale staat, gemeenschappen en gewesten dienen binnen hun bevoegdheidssfeer te blijven. Besluiten zijn ondergeschikt aan formele wetten, formele wetten zijn ondergeschikt aan GW en internationaal recht. 
  • Is er het toetsingsrecht?
    Elke rechter, evenals de Raad van State kan bestuurshandelingen toetsen aan de wet, de GW, internationaal recht, algemene rechtsbeginselen en grondwettelijke gewoonten. De rechter moet een onrechtmatig besluit buiten toepassing laten, de RvS kan een dergelijk besluit vernietigen. 
    Tevens kunnen ook formele wetten (een federale wet, een decreet van een gemeenschap of gewest, of een Brusselse ordonnantie) toetsen aan internationaal recht en buiten toepassing laten. 
  • Wat voor staat is België en waarom?
    Federale staat. De federatie, 3 gemeenschappen en 3 gewesten. Deze staat is voortgekomen uit de Belgische eenheidsstaat. De deelgebieden zijn niet ondergeschikt aan de federale staat, maar nevengeschikt. In principe is altijd slechts één autoriteit bevoegd, maar niet twee of meer van hen tegelijk.
  • Wat regelen de Gemeenschappen? 
    Krachtens de GW het onderwijs, het gebruik van talen, evenals de culturele en de persoonsgebonden aangelegenheden, die bij bijzondere wet worden opgesomd. 
  • Welke bevoegdheden komen exclusief aan de federatie toe?
    Voor het behoud van de staat: de bevoegdheden voor de monetaire en economische unie, de ordehandhaving, defensie en rechtspraak. 
  • Waarom is België een parlementair regime? 
    Men streeft naar evenwicht en samenwerking en de regering bekleedt in feite de sterkste positie, maar is verantwoordelijk voor al haar beslissingen ten overstaan van de volksvertegenwoordiging. 
    De volksvertegenwoordiging wordt echter in haar politieke controle beperkt door de verplichting constructief op te treden als zij de regering wil sanctioneren: de regering kan pas tot ontslag gedwongen worden indien het parlement een nieuwe Eerste Minister kan aanduiden. Dit impliceert echter overeenstemming over de vorming van een nieuwe coalitie. De Kamer van Volksvertegenwoordiging is daarbij extra beperkt door de complexiteit van de coalitie die uit 2 taalgroepen en minstens 4 partijen bestaat. 
  • Om welke organen draait het bij deze federatie? En hoe vinden die evenwicht? 
    Het staatshoofd, de regering en de Kamer van Volksvertegenwoordigers. 
    Evenwicht en samenwerking tussen staatshoofd en regering: een onafhankelijk (erfelijk) en onverantwoordelijk staatshoofd dat geen politieke macht heeft, is gesteld tegenover een regering die alle politieke macht heeft, maar die volkomen afhankelijk is van en verantwoordelijk is tegenover de Kamer van Volksvertegenwoordigers. 
    Het staatshoofd is niemand verantwoording verschuldigd, het heeft namelijk geen persoonlijke politieke macht. Het kan geen enkele daad met politieke of juridische betekenis stellen als niet een minister de verantwoordelijkheid ervoor opneemt door het verlenen van de tegenhandtekening. In feite treffen de ministers de beslissingen: dus wanneer de GW een bevoegdheid aan de Koning toevertrouwt, is het de regering die haar zal uitoefenen, zij het i.o.m. de Koning. 
    ----
    De regering is het beleidvoerend orgaan en verantwoording verschuldigd over haar beslissingen en uitvoeringen aan de Kamer van Volklsvertegenwoordiging (hierna: Kamer). die haar kan pogen bij te sturen met een gewone motie van wantrouwen of haar kan dwingen af te treden door haar formeel het vertrouwen te weigeren. Dit kan ze doen met een constructieve motie van wantrouwen of door het constructief verwerpen van een motie van vertrouwen. Het constructieve element is dat de Kamer een nieuwe eerste minister voorstelt. Ook in haar regeren is de regering afhankelijk van de Kamer: zij kan pas beginnen met regeren nadat zij haar programma aan de Kamer heeft voorgesteld en het vertrouwen heeft gekregen. 
    ----
    Samenwerking en evenwicht tussen regering en parlement worden bereikt doordat de regering een beperkte mogelijkheid heeft om het parlement te ontbinden, door het gedeelde initiatief inzake wetgeving en door de werking van de meerderheid die de regering aan de macht geholpen heeft. 
  • Hoe ziet het parlementair regime er in de deelgebieden uit?
    Hebben geen staatshoofd, maar alleen de regering en het parlement (Kamer en Senaat). In principe heeft het parlement het overwicht op de regering: het verkiest haar en kan haar dwingen af te treden met een constructieve motie van wantrouwen waarbij het een volledige nieuwe regering voorstelt. De regering kan het parlement echter niet ontbinden. In feite is de regering de motor van de gemeenschap of het gewest en neemt ze het voortouw door gebruik te maken van haar initiatiefrecht voor wetgeving en de steun van de meerderheid die haar aan de macht heeft geholpen. 
Lees volledige samenvatting
Maak nu je eigen eFaqt account aan voor toegang tot deze en duizenden andere hoge kwaliteit samenvattingen.

Example questions in this summary

Let uit waarom het VK een parlementair stelsel heeft.
3
Wat is parliamentary sovereignty? 
3
Waardoor heeft de parliamentary sovereignty ingeboet? 
3
Welke staatsvorm kent het VK?
3
Page 1 of 76