Summary Een praktijkgerichte benadering van organisatie en

-
ISBN-10 9001809677 ISBN-13 9789001809676
3099 Flashcards & Notes
301 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Een praktijkgerichte benadering van organisatie en". The author(s) of the book is/are Nick van Dam, Jos Marcus Hans Tiek. The ISBN of the book is 9789001809676 or 9001809677. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Een praktijkgerichte benadering van organisatie en

  • 1 WC HC WEEK 1 H1 FULL BOEK

  • Wat zijn organisaties?

    Een organisatie is elk samenwerkingsverband,

    waarin mensen bewust relaties met elkaar aangaan

    om daardoor gemeenschappelijke doelen te bereiken.

  • Bedrijfskunde houdt zich bezig met de vraag?

    Hoe maken wij van een organisatie een succesvolle organisatie?

  • Wanneer heeft een organisatie bestaansrecht?

     

    •Als de organisatie iets levert waar mensen behoefte aan hebben.

    •Als de rekeningen betaald kunnen worden.

    •Als de organisatie zich onderscheidt van anderen.

    •Als er mensen zijn die kunnen en willen werken voor deze organisatie.

  • Kortom:

    Een organisatie moet waarde creëren voor haar klanten!

  • Het Business Model Canvas houdt in:

     

    1. Customer Segments
    2. Value proposition
    3. Channels
    4. Customer Relationships
    5. Revenue streams
    6. Key resources
    7. Key activities
    8. Key partners
    9. Cost structure
  • Het Business Model Canvas: Kerntrends houdt in:

    • Regelgevingstrends
    • Technologietrends
    • Maatschappelijke & culturele trends
    • Sociaaleconomische trends
  • Het Business Model Canvas: Marktkrachten:

    • Marktsegmenten
    • Behoeften & vraag
    • Marktissues
    • Switching costs
    • Inkomstenaantrekkelijkheid
  • Het Business Model Canvas: Branchekrachten:

    • Leveranciers & andere waardeketenspeler
    • Stakeholders
    • Concurrenten (gevestigde partijen)
    • Nieuwkomers (onruststokers)
    • Substituutproducten en diensten
  • Het Business Model Canvas: Macro economische krachten:

    • Mondiale marktcondities
    • Kapitaalmarkten
    • Economische infrastructuur
    • Commodities & andere resources
  • ·         Wat doet een bank? 

    -          Leent geld uit: hypotheek, pers. krediet,  rood staan +/- 12%, financieen bedrijven→ inkomsten rente

    -          Beleggen

    -          Sparen

     

    -          Betalen

  • ·         Wat zijn de inkomsten van een bank?

    -          Rente

    -          Spaartegoeden

     

    -          Beleggen

  • ·         Wat zijn de kosten van een bank?

    -          Rente

     

    -          Bedrijfskosten

  • ·         Wat zijn organisaties?

    -          Een organisatie is elk samenwerkingsverband,

    -          waarin mensen bewust relaties met elkaar aangaan

     

    -          om daardoor gemeenschappelijke doelen te bereiken

  • Hoe maken wij van een organisatie een succesvolle organisatie?

    -          Imago

    -          Als je je doel bereikt hebt

    -          Winst maken

    -          Continuiteit

    -          Marktaandeel

    -          Groei

    -          Effectief

    -          Efficiënt

    -          Veel EV, minder VV

     

     

    → Alles is goed, de sleutel is : Waar behoefte aan is

  • ·         Wanneer heeft een organisatie bestaansrecht?

    -          Als de organisatie iets levert waar mensen behoefte aan hebben

    -          Als de rekeningen betaald kunnen worden

    -          Als de organisatie zich onderscheidt van anderen

    -          Als er mensen zijn die kunnen en willen werken voor deze organisatie

     

     

    → Kortom: Een organisatie moet waarde creëren voor de klanten

  • Het Business Model Canvas? (Het manier waarop jij je als bedrijf hebt georganiseerd)

    -          1. Cusomer Segments=klanten: markt bepalen

    -          2. Value proposition=waarde propositie: vormgeving product

    -          3. Channels=kanalen: hoe krijg je je producten/diensten bij de klanten

    -          4. Customer relationships=relatie: relatie neerleggen met de klanten

    -          5. Revenue streams=inkomsten: waar verdien ik m’n geld van, b.v. KPN toestellease

    -          6. Key resources=middelen: wat ga ik maken? welke belangrijkste middelen heb ik ervoor nodig b.v. geld, mensen, gebouw, vrachtwagens enz.

    -          7. Key activities=activiteiten: de activiteiten die je uitvoert b.v. marketing

    -          8. Key partners: b.v. leveranciers, overheid

     

    -          9. Cost structure=kosten structuur: vaste en variabele kosten, directe en indirecte kosten

  • Wat zijn de partijen?

    • Afnemers
    • Leveranciers
    • Concurrentie
    • Vermogensverschaffers
    • Werknemers
    • Belangenbehartigings-organisaties
    • Overheidsinstellingen
    • Media
  • H1 Boek, Definitie van Organisatiekunde:

    Een interdisciplinaire wetenschap die zich bezighoudt met het bestuderen van het gedrag van organisaties alsmede de factoren die dit gedrag bepalen e/d wijze waarop organisaties het meest doeltreffend bestuurd kunnen worden.

  • H1 boek, De definitie van organisatiekunde omvat 2 aspecten v/h vakgebied, namelijk:

    1. Een descriptief aspect: Dit is een beschrijving v/h gedrag van organisaties, met de motieven en gevolgen
    2. Een prescriptief aspect: Dit is een advies over te volgen handelwijze en organisatieinrichtingen.
  • H1 boek, Wat houdt een interdisciplinariteit in?

    Dat de organisatiekunde veel elementen bevat die afkomstig zijn uit andere wetenschappen.

  • H1 boek, Wat houdt multidisciplinair in?

    Als we alle bijdragen uit deze vakgebieden verzamelen die we nodig hebben voor een onderzoek of project.

  • H1 boek, Periode voor de industriele revolutie (400 v. Chr.-1900 na Chr): 

    • Socrates en Plato (400 v. Chr.)
    • Niccolo Machiavelli (1469-1527): Gericht o/h behoud van macht e/d uitbreiding ervan/MACHT EN OPPORTUNISME
    • Mercantilisme (tot in de 2e helft v/d 18e eeuw): bezit aan geld en goud is de enige welvaartsbron 
    • Adam Smith (1723-1790): Productieve arbeid is de bron van welvaart.  Door arbeidsverdeling kan de productiviteit v/d arbeid sterk worden verhoogd / ARBEIDSVERDELING EN PRODUCTIVITEIT
  • H1 boek, Frederick Taylor en het Scientific Management:

    ORGANISATIE V/D PRODUCTIE EN EFFICIENCY / Hij bood voor het eerst een systematische, samenhangende bedrijfskundige benadering voor de wijze waarop de productie georganiseerd zou moeten worden. Een bedrijfsleider moet zich niet opstellen als slavendrijver maar een bredere visie hebben op zijn taak i/d organisatie die bestaat uit:

    • Plannen
    • Coordineren
    • Toezien
    • controleren 
  • H1 boek, Frederick Taylor en het Scientific Management:Arbeidsverdeling voor de productieleiding, acht functies die door acht functionarissen moesten worden uitgevoerd (achtbazenstelsel):

    1. Tijd en kosten
    2. Werkinstructies
    3. Bewerkingen en hun volgorde
    4. Werkvoorbereiding en uitgifte
    5. Onderhoud
    6. Kwaliteitscontrole
    7. Technische leiding
    8. Personeelsbeheer
  • H1 boek, Henry Fayol en de General Managementtheorie (+/- 1900):

    Een samenhangend stelsel van opvattingen over de wijze waarop organisaties in zijn geheel bestuurd moesten worden.  / ALGEMENE MANAGEMENTTHEORIE

  • H1 boek, Henry Fayol en de General Managementtheorie (+/- 1900): Hij onderscheidde 6 managementgebieden:

    1. Technisch
    2. Commercieel
    3. Financieel
    4. Veiligheid
    5. Boekhouding
    6. Besturing
  • H1 boek, Henry Fayol en de General Managementtheorie (+/- 1900): Hij onderscheidde 6 managementgebieden:


    1. Technisch
    2. Commercieel
    3. Financieel
    4. Veiligheid
    5. Boekhouding
    6. Besturing

     

    De besturing zorgt voor onderlinge samenhang op de overige gebieden en bestaat uit de 5 vijf taken:

    1. Plannen: Het opstellen v/e actieplan voor de toekomst.
    2. Organiseren: De opbouw v/d organisatie met mensen en middelen.
    3. Bevel voeren: Ervoor zorgen dat mensen a/h werk blijven.
    4. Coordineren: Het onderling afstemmen v/d activiteiten
    5. Controleren: Erop toezien dat de resultaten in overeenstemming met het plan zijn.
  • H1 Boek, Max Weber e/d theorie v/d bureaucratie (+/- 1940):

    Was vooral gericht op overheidsinstanties en grote bedrijven. / BUREAUCRATIE EN IDEAALTYPE ORGANISATIE

  •  

    H1 Boek, Max Weber e/d theorie v/d bureaucratie (+/- 1940): grote organisaties hadden volgens hem in zijn tijd de volgende kenmerken:

    1. Strikte taakverdeling
    2. Hierarchische bevelstructuur
    3. Strikte bevoegdheden
    4. Onpersoonlijke relaties
    5. Werving op basiskunde en kennis
    6. Eerlijke beloning
    7. Routine
    8. Archivering
    9. Macht is aan regels gebonden
  • H1 Boek, Elton Mayo e/d Human Relationsbeweging (+/- 1945):

    INFORMELE ORGANISATE EN SUBJECTIVITEIT / Hij toonde aan dat naast objectieve factoren ook subjectieve factoren bepalend zijn voor resultaat, deze wegen zelfs zwaarder. Deel uitmaken van een groep was volgens hem (aantoonbaar) de belangrijkste en een nieuwe vorm van management ontstond (Human Relations)  en daarmee de tegenstelling met Scientific Management.

  • H1 Boek, Rensis Likert e/h revisionisme (1950):

    SYNTHESE TUSSEN SCIENTIFIC MANAGEMENT EN HUMAN RELATIONS: AFSTEMMING TUSSEN MENS EN ORGANISATIE /

    hij heeft een overbrugging gemaakt tussen deze twee hoofdstromingen (revisionisme) d.m.v. de linking pin-structuur: elke leidinggevende van eenafdeling is ook lid van een hogere afdeling.

  • H1 Boek, Warren G Bennis:

    Warren G. Bennis stelde dat de Scientific Management Theory een organisatie was zonder mensen en de Human Relationsbeweging groepjes mensen zonder organisatie. Hij gaf de aanzet tot het revisionisme.

  • H1 Boek, Frederick Herzberg:

    Zijn theorie was geënt op de pyramide van Maslow, die vijf niveaus van behoeften onderscheidt:

    1. Fysiologische behoeften (eten,drinken, slapen, seks)
    2. Behoefte aan veiligheid en zekerheid (bescherming, stabiliteit, regelmaat)
    3. Behoefte aan sociaal contact (acceptatie, vriendschap, erbij komen)
    4. Behoefte aan erkenning (waardering, prestige, succes)
    5. Behoefte aan zelfontplooiing (dragen van verantwoordelijkheid, ontwikkelingskansen, creativiteit)
  • H1, Boek, Douglas McGregor:

    Hij ontwikkelde theorie X en Y, daarin zette hij twee visies van de mens in de organisatie tegenover elkaar (X = functioneren van organisaties in die tijd, Y = eigen visie op hoe mensen in een organisatie zouden moeten samenwerken).

  • H1 Boek, Kenneth Boulding e/d systeembenadering (1950):

    DE ORGANISATIE ALS EEN SYSTEEM E/D WISSELWERKING TUSSEN ORGANISATIE EN OMGEVING /

     

    Een systeem (organisatie) wordt bestuurd met behulp van informatie die wordt teruggekoppeld (feedback) naar de verschillende subsystemen (afdelingen).

     

    Kenneth Boulding (1910-1993) ontwikkelde de systeembenadering en was daarmee een revisionist.

     

     

    Systeembenadering: een organisatie (systeem) bestaat uit met elkaar verbonden afdelingen (subsystemen). De theorie stelt dat organisatieproblemen integraal moeten worden aangepakt (invloed op het totale systeem).

  • H1 Boek, Paul Lawrence en Jay Lorsch e/d contingentiebenadering (+/- 1965):

    TOEPASSING MANAGEMENTTECHNIEF AFHANKELIJK VAN SITUATIE /

     

    Contingentiebenadering (± 1965): ‘bepaaldheid door situatie’, er werd aangetoond dat er geen verband bestond tussen doeltreffendheid en de toepassing van de SMen de GMT. Het belangrijkste uitgangspunt is de relatie van een organisatie met haar omgeving.

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Philip Crosby (1926-2001) en Kwaliteitszorg:

    KWALITEITSZORG IN ORGANISATIES / 

     

    Totale kwaliteitsmanagementtheorie, als kwaliteitszorg bovenaan staan dan kostenreductie van zo’n 20% (zero defects concept).

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Henry Mintzberg (1939) en Organisatiestructurering en strategische planning, 7 basisvormen van configuraties:

     

    1. Ondernemersorganisatie
    2. Machineorganisatie
    3. Professionele organisatie
    4. Divisieorganisatie
    5. Innovatieve organisatie
    6. Zendingsorganisatie
    7. Politieke organisatie
  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Tom Peters (1942):

    Managementprincipes voor goede bedrijfsvoering.

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Peter Drucker (1909-2005):

    KENNIS ALS ESSENTIELE PRODUCTIEFACTOR / Algemeen management.

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Michael Porter 1947:

    CONCURRENTIEVOORDEEL / Strategie

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Michael Hammer (1948-2008):

    Herstructurering van bedrijfsprocessen.

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), C.K. Prahalad (1941-2010):

    Concurrentie, innovatie en globalisering.

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Jim Collins (vanaf ong. 2010):

    Bedrijfscultuur en leiderschap 

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Kjell Nordstrom en Jonas Ridderstrale (vanaf ong. 1999):

    Veranderingen in organisaties 

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Gary Hamel (vanaf ong. 1994):

    Toekomst van management

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Eckart Wintzen (1939-2008): 

     

    Celfilosofie.

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Don Tapscott (2006):

     Rol van nieuwe technologieën 

  • H1 Boek, Recente organisatietheorieën (1980 +), Steve Jobs (1955-2011)

    Meester van de eenvoud.

  • HW BESTUDEREN BOEK H 2.1+2.2: De omgeving van organisaties bestaat uit partijen of belanghebbenden, wat zijn de partijen?

    1.       Afnemers: zorgen voor bestaansrecht organisatie

    1.1.    Veranderende behoeften

    2.       Leveranciers: eigen producten zijn afgeleiden van die van de leveranciers

    2.1.    Globalisering

    2.2.    Minimale voorraad

    3.       Concurrentie: bepaalt de “speelruimte” op de markt

    3.1.    Marktpositie van belang

    4.       Vermogensverschaffers

    4.1.    Bron van financiën;

    4.2.    Toezichthouder

    5.       Werknemers (kritische succesfactor)

    5.1.    Medezeggenschap

    6.       Belangenbehartigingsorganisaties (vakbonden, consumentenorganisaties, milieuactivisten)

    7.       Overheidsinstellingen (kaderstelling door wet- en regelgeving)

    8.       Media (machtspositie)

     

    8.1.    Heeft invloed op andere partijen

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Example questions in this summary

Wat zijn vermogens verschaffers?
53
Noem een aantal kenmerken van een mechanisch organisatiemodel
52
Waarom is het belangrijk de concurrent te volgen?
52
Noem een aantal kenmerken van een organistisch organisatiemodel
51
Page 1 of 150