Summary BIV Bestuurlijke Informatiervoorziening Class notes

-
114 Flashcards & Notes
3 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - BIV Bestuurlijke Informatiervoorziening Class notes

  • 1398636000 BIV

  • Wat betekent Interne beheersing?

    Maatregelen voor relevante en betrouwbare informatie en in goede banen leiden van operationele processen

  • Wat zijn de 4 doelstellingen van interne beheersing?
    1. Zorgen voor betrouwbare informatieverzorging
    2. Waarborgen van volledigheid en juistheid ingaande en uitgaande kasstromen
    3. Minimaliseren risico onjuiste beslissingen
    4. Vermijden juridische conflicten
  • Wat betekent Management Control?
    Het uitoefenen van controle op medewerkers op basis van relevante en betrouwbare  informatie en strategische doelstellingen
  • Wat zijn de kenmerken van Management control?
    • Heeft een sterke gedragsmatige oriëntatie

    • Heeft primair een insteek vanuit de strategie van de organisatie (top-down)

  • Gedrag van medewerkers kun je beheersen met het cybernetisch controlmodel. Wat zijn de vier kenmerken van dit model?
    1. Duidelijk en meetbaar doel
    2. duidelijke en meetbare output
    3. Corrigerende acties
    4. Voorspellen model
  • Wat betekent informatiemanagement?
    Informatie nodig voor het beheersen van de organisatie (intern) maar ook voor communicatie met belanghebbenden (extern)
  • Informatie heeft verschillende gebruiksmogelijkheden. Welke?
    1. Informatie voor het delegeren van taken en het afleggen van verantwoording (arbeidsverdeling)
    2. Informatie voor het nemen van beslissingen
    3. Informatie voor het doen functioneren van de organisatie (communicatie, kennisdeling)
  • Een cruciale randvoorwaarde voor het doen functioneren van de organisatie is dat de informatie voldoet aan bepaalde kwaliteitseisen.


    Dit wordt vaak weggezet in een kwaliteitsspectrum
  • De elementen van het kwaliteitsspectrum van informatie kunnen worden herleidt tot twee hoofdcategorieën. Welke twee?
    1. Effectiviteit
    2. Efficientie
  • Effectiviteit heeft betrekking op de mate waarin doelstellingen zijn gerealiseerd. Dit is weer onderverdeeld in:

    1. Betrouwbaarheid
    2. Relevantie
  • Betrouwbaarheid van informatie betreft de mate waarin de informatie in overeenstemming is met de werkelijke activiteiten die in de organisatie zijn uitgevoerd (ook wel de norm)

    Betrouwbaarheid kan worden onderverdeeld in:

    1. validiteit (juistheid)
    2. volledigheid
    3. accuratesse
  • Informatie is relevant als ze het besluitvormingsproces, het proces van delegatie en afleggen van verantwoording of het functioneren van de organisatie beïnvloedt.

    Relevantie kan onderverdeeld worden in:

    1. nauwkeurigheid
    2. tijdigheid
    3. begrijpelijkheid
  • Wat is de rol van de accountant?
    Deze controleert de jaarrekeningen op betrouwbaarheid en geeft op basis van zijn bevindingen verklaringen daarbij af dat de interne beheersingssystemen van de gecontroleerde organisatie effectief zijn.
  • Welke rol heeft de Controller?
    Dit is de intermediair tussen de werkvloer en het management en moet als zodanig vertaalslagen maken. Hij is het financiële geweten van de organisatie
  • Wat betekent "Interne controle"?
    Interne controle omdat alle controle op de oordeelsvorming en activiteiten van anderen, door of namens de leiding van een organisatie
  • Wat doet de informatiemanager?
    Deze zorgt ervoor dat de basistechnologien zoals "het netwerk" op een effectieve manier door de hele organisatie kan worden ingezet. Tevens formuleert hij de IT-strategie
  • Welke componenten van "internal control" worden opgevoerd in het COSO-huis?
    1. Controle omgeving (cultuur vd organisatie)
    2. Risicoanalyse (maatregelen ter voorkoming van...)
    3. Beheersingsmaatregelen (preventief en repressief)
    4. Informatie en communicatie
    5. Bewaking en goede werking
  • Wat doet het COSO comite?
    Deze biedt organisaties een uniform en gemeenschappelijk model voor verbetering van het interne beheersingssysteem.
  • Wat zijn de hoekstenen van interne beheersing en administratieve organisatie?
    1. Het besturingsparadigma
    2. de managementcyclus
    3. het grondpatroon van de informatievoorziening
    4. de waardekringloop
  • Het besturingsparadigma ofwel cybernetisch beheersingssysteem (besturing en beheersing van bv een organisatie) bestaat uit 4 elementen. Welke?
    1. het bestuurd systeem (de CV-ketel)
    2. het besturend systeem (de thermostaat)
    3. het informatiesysteem (de instelling bv 18 graden)
    4. de omgeving (de temperatuur in huis)
  • Waar het besturingsparadigma een specifieke zienswijze aangeeft op grond waarvan besturings- en beheersingsprocessen kunnen worden geanalyseerd, geeft de managementcyclus gedetailleerd aan uit welke stappen managementactiviteiten bestaan.

    Welke fasen in die activiteiten (het proces) zijn er?

    1. Planning
    2. Inrichting (inrichten organisatie om plannen te kunnen realiseren)
    3. Uitvoering (overgaan tot actie)
    4. Evaluatie (vergelijken van fases binnen cyclus)
    5. Bijsturing (Naar aanleiding van evaluatie bijsturen)

    Ook gebruikt: de PDCA-cyclus van Deming

  • Wat houd "planning" van de managementcyclus in?

    Een zo helder mogelijk inzicht in de toekomst krijgen aan de hand van doelstellingen van de organisatie.

    Bijvoorbeeld: een organisatie wil over 5 jaar marktleider zijn.

    Plannen worden op strategisch, tactisch en operationeel niveau uitgezet.

  • Als doelen bekend zijn en plannen gemaakt, dan moet de organisatie op een zodanige wijze worden ingericht dat de plannen zo goed mogelijk kunnen worden gerealiseerd.

    Bijvoorbeeld: organisatie investeert in machines en gebouwen, neemt mensen aan en kiest voor bepaalde organisatiestructuur

  • Wat houd het grondpatroon voor de informatievoorziening in?

    In geautomatiseerde en handmatige informatievoorzieningsprocessen is een grondpatroon te onderkennen:

    Elke activiteit bestaat uit:

    • invoer
    • bewerking van de invoer
    • uitvoer
  • Waarin wordt bij het informatievoorzieningsproces onderscheid in gemaakt?
    • in gegevens (feiten)
    • en informatie (bewerkte gegevens)

    die een bijdrage leveren aan de kennis van de mens

  • Wat houdt de waardekringloop precies in?

    Dubbel boekhouden.

    Een gesloten systeem van registratie van bezittingen, schulden en eigen vermogen: Niets mag de onderneming verlaten als daar geen gelijkwaardige tegenprestatie tegenover staat.

    Door dit proces in alle fasen te registreren wordt een controle verkregen op het verband tussen opgeofferde en verkregen waarden (de Waardekringloop)

  • Teken de waardekringloop
    Zie afbeelding
  • In de waardekringloop komen controletechnische functiescheiding en controleverbanden samen.

    Bij controleverbanden worden vaak BETA-formules gebruikt.

    Voorbeeld:

    Beginwaarde toestandsgrootheid -/- Eindwaarde toestandsgrootheid + toename voorraad = Afname voorraad

  • Bij controletechnische functiescheiding kunnen vijf functies worden onderscheiden. Welke vijf?
    1. Beschikken
    2. Bewaren
    3. Registreren
    4. Controleren
    5. Uitvoeren
  • Welke drie hoofdgroepen zijn er binnen de gebruikerscontroles?
    1. Gebruikerscontroles die niet gerelateerd zijn aan geautomatiseerde verwerking van gegevens
    2. Gebruikerscontroles die steunen op een effectieve werking van geprogrammeerde controles
    3. Gebruiker controle op de goede werking van geprogrammeerde controles
  • Een aantal typen controles maken deel uit van het instrumentarium van interne beheersing en administratieve organisatie. Noem er 5.
    1. Gebruikerscontrole
    2. Integriteitscontrole
    3. Geprogrammeerde controle
    4. Bewaring controle
    5. Uitvoering controle
    6. Efficiëntie controle
    7. Voortgangscontrole
    8. Bevoegdheid controle
    9. Verwachting controle
    10. Norm controle
    11. Beleid controle
    12. Negatieve en positieve controle
    13. Formele en materiele controle
    14. Directe en indirecte controle
    15. Detailcontrole, totaalcontrole en deelwaarneming
  • Wat houdt Gebruiker controle in?
    is gericht op uitoefenen van controle door gebruikers van het informatiesysteem
  • Het verwerken van gegevens tot informatie uit de boekhouding kan leiden tot de volgende rapporten:
    1. Budgetoverzichten
    2. Controlerapporten
    3. Managementrapportages
    4. jaarrekening
  • Verschillende begrippen die een rol spelen bij het verzamelen, classificeren en registreren van gegevens zijn:
    1. Primaire vastleggingen (verzamelen van gegevens over financiële feiten)
    2. Dubbel boekhouden (boekhoudsysteem + invloed op eigen vermogen)
    3. Coderen
    4. Informatieverzorging
    5. Controlerende tussenrekeningen
  • Bij het administreren van financiele en niet-financiele feiten zijn er twee fasen te onderscheiden. Welke twee?
    1. Het verzamelen, classificeren en registreren van gegevens
    2. Het verwerken van gegevens tot informatie
  • Bij geldbeheer gaat het om al het verkeer in de waardekringloop mbt voorraden kasgeld, banksaldi, kredieten, etc. Het proces van geldbeheer bestaat uit vier stappen. Welke 4?
    1. Ontvangen van geld
    2. bewaren van geld
    3. bewaken van waarde van geld
    4. uitgeven van geld
  • Bij investeren in vaste activa worden de volgende fasen onderscheiden. Noem ze alle zes.

    1. Identificatie noodzaak van investeren
    2. Investeringsanalyse
    3. investeringsbeslissing
    4. Implementatie
    5. betaling
    6. Desinvestering
  • Welke drie soorten vaste activa zijn er te onderscheiden?
    1. Financiële vaste activa (aandelenbezit)
    2. Immateriële vaste activa (kosten onderzoek en ontwikkeling)
    3. Materiele vaste activa (gebouwen, terreinen, machines, inventaris)
  • Welk onderscheid wordt er gemaakt bij de fase honorering van het proces van personeelsbeheer?
    1. Vast salaris
    2. Prestatieafhankelijke beloning


  • Welke 6 fasen zijn er in het proces van aannemen van personeel?
    1. Werving en selectie
    2. opleiding en training
    3. taaktoewijzing
    4. Evaluatie van personeel
    5. Honorering
  • Welke secundaire processen zijn er?
    1. Personeelsbeheer
    2. Investeren in vaste activa
    3. Geldbeheer
    4. Administreren van financiële en niet financiële feiten
  • Binnen een organisatie worden twee hoofdprocessen onderscheiden. Welke twee?
    1. Primaire processen (bestaansrecht: inkoop, produceren en verkoop)
    2. Secundaire processen (ondersteunende processen aan primair)
  • Welke bedreigingen zijn er bij het inkoopproces?
    • betalen voor niet-geleverde producten
    • niet gebruik maken van inkoopkortingen
    • te weinig inkopen
    • goederen van inferieure kwaliteit kopen
    • te duur inkopen
    • te veel inkopen
    • beïnvloeding van verkopers d.m.v. steekpenningen
  • Welke gegevens moeten minimaal voorkomen op de bestelorder?
    • bestelordernummer
    • besteldatum
    • product code
    • leverancierscode
    • hoeveelheid
    • prijs
    • leverdatum
    • overige condities
  • De ontvangen inkoopopdrachten worden door de inkoopafdeling afgehandeld met welke handelingen?
    1. Leveranciers zoeken uit inkoopbronnenbestand en product documentatie
    2. Leverancierscondities onderzoeken
    3. Leverancierskeuze
    4. Bestelorder maken en verzenden
  • Uit welke zes fasen bestaat het inkoopproces?

    1. Geven van inkoopopdrachten
    2. uitvoering van inkoopopdrachten
    3. goederenontvangst
    4. controle van inkoopfacturen
    5. crediteurenadministratie
    6. betaling van inkoopfacturen
  • Welke bedreigingen zijn er bij het productieproces?
    • ongeautoriseerde productie
    • inefficiënte productie
    • diefstal van onderhanden werk
    • onbetrouwbare voorcalculatie door bedrijfsbureau
    • geen verband tussen productie en verkoop
    • onbetrouwbare standaarden
  • bij productie op voorraad wordt op basis van meerjarenplannen de jaarplanning gemaakt, gebaseerd op omzetvoorspellingen en financieringsmogelijkheden.

    In geval van productie op order beschikt men over minder harde normen en meer planningsonzekerheid waardoor met een globale planning wordt gewerkt.

    Belangrijke onderwerpen in deze fase zijn:

    1. voorcalculatie
    2. kostprijscalculatie
    3. productieplanning
  • Het productieproces kan onderscheiden worden in 6 fasen. Welke zijn dat?
    1. Productontwerp
    2. Jaarplanning, kostencalculatie en productieplanning
    3. Werkvoorbereiding
    4. Grondstoffenafgifte
    5. Productie-uitvoering en productieverantwoording
    6. Nacalculatie
  • Het productieproces (ook wel omzettingsproces) is te onderscheiden in twee processen. Welke twee?
    1. Produceren op voorraad
    2. Produceren op order
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Example questions in this summary

Wat betekent Interne beheersing?
1
Wat zijn de 4 doelstellingen van interne beheersing?
1
Wat betekent Management Control?
1
Wat zijn de kenmerken van Management control?
1
Page 1 of 25