Summary Basiskennis aardrijkskunde

-
ISBN-10 9001804926 ISBN-13 9789001804923
143 Flashcards & Notes
45 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Basiskennis aardrijkskunde". The author(s) of the book is/are Roger Baltus. The ISBN of the book is 9789001804923 or 9001804926. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Basiskennis aardrijkskunde

  • 1 Waar gaat het over bij aardrijkskunde? 7

  • Wat heb je nodig om aardrijkskunde te begrijpen?
    feiten
    begrippen
    basisprincipes
  • Wat zijn in dit boek de randvoorwaarden om aardrijkskunde te begrijpen?
    -Systematiek (Beschrijven en daarna verklaren)
    -Opdelen stof in 3 aandachtsgebieden:
    • Aarde en landschap
    • Bevolking
    • Bestaansmiddelen
  • teste   de appel valt niet ver van de boom
  • 1.1 Het schoolvak aardrijkskunde 8

  • Waarom vak moeilijk?
    Verklaren van verschijnselen ergens op aarde
  • Waarom hoef je niet alles te weten over ieder gebied op aarde?
    Er zijn patronen, wetmatigheden (feiten, begrippen en basisprincipes).

    • Landschappen die op elkaar lijken
  • Waarom wordt het vak moeilijk gevonden?
    Verklaren van verschijnselen ergens op aarde
  • 1.2.1 Beschrijven

  • Vraag jezelf af : Waar is het? Wat zie je? Heb je dat al eens eerder gezien? 

  • Welke factoren horen bij landschap?

    Bodem klimaat mens reliëf fauna flora water

  • 1.2.2 Verklaren

  • Vraag je af : Waarom daar?  > leg verband tussen twee of meer  factoren.

  • 2 De aarde 13

  • Hebben chimpansees of mensen een beter kortetermijngeheugen?
    Chimpansees!
  • 2.1 De aarde in het zonnestelsel

  • Er zijn twee grote oceanen : De Atlantische Oceaan en de Stille of Grote Oceaan. 
    De continenten zijn : Europa, Azië, Afrika, Noord- en Zuid-Amerika, Australië en Antarctica.
    De aarde draait in een jaar om de zon heen (365 dagen plus 6 extra uren, daarom om de vier jaar schrikkeljaar). 
    De aarde draait in 24 uur om haar as, daarom dag en nacht. 
    Door de draaiing komt de zon in het oosten op en gaat onder in het westen, hierdoor is de wereld verdeelt in 24 tijdzones. 

  • 2.2 Seizoenen 14

  • Door het draaien van de aarde om de zon veroorzaakt de seizoenen. 
    Als de aardas recht zou staan zijn zouden er geen seizoenen zijn. 
    In juni is het noordelijke halfrond met Nederland naar de zon toegedraaid, daardoor is er in 24 uur het grootste deel licht. In december is dit het omgekeerde, grootste deel van de dag donker.
    In de lente en herfst zijn de dagen even lang. 
    Op het zuidelijk halfrond zijn de seizoenen precies het omgekeerde.

  • Waardoor ontstaan van seizoenen?
    Draaien en schuine as van de aarde
  • Waardoor ontstaan de seizoenen?
    Doordat de aarde schuin om de zon draait. In juni staat de aarde zo dat het noordelijk halfrond het dichtst bij de zon is. Hierdoor is het langer licht en warmer dan in december wanneer het noordelijk halfrond het verst van de zon afstaat.
  • Zomer op noordelijk halfrond
    Staat met as naar de zon op 21 juni, hierdoor in het rondje om de as het grootste deel in het licht

    Zon staat midden op de dag hoog aan de hemel.
    Zonnestralen vallen recht op het aardoppervlakte.
  • 2.3 De getijden vloed en eb 15

  • De aarde heeft 1 maan, die in ruim 27 dagen om de aarde draait waarbij steeds 1 kant van de maan naar de aarde toegekeerd staat.
    Het zeewater staat onder invloed van aan de aantrekkingskracht van de maan, de zon en een kracht die ontstaat door de draaiing van de aarde. 
    Het gevolg is dat er op aarde twee bulten ontstaan waar het water wordt aangetrokken. Daar is het vloed met het hoogste water.
    Tussen die twee bulten liggen twee gebieden waar juist minder water is, daar is het eb met de laagste waterstand.
    Een gebied bijv. Nederland draait door de omwenteling van de aarde als het ware door de gebieden heen waar het vloed en eb is, daardoor veranderd het eb en vloed steeds en is het in 24 uur twee keer vloed en twee keer eb (zes uur per getij). 
    Tussen de maximale vloedstand en minimale ebstand zit ongeveer 6 klokuren.

  • Eigenschappen maan?
    Draait in 27 dagen om de aarde. Zelfde kant van maan is continue naar aarde gekeerd (maan draait niet om eigen as).
  • Ander woord voor vloed

    opgaand tij

  • Wat heeft invloed op zeewater?
    • De aantrekkingskracht van de maan
    • De aantrekkingskracht van de zon
    • Kracht door de draaiing van de aarde.
  • In hoeveel dagen draait de maan om de aarde heen?
    In 27 dagen waarbij de maan altijd met dezelfde kant naar de aarde staat.
  • Ander woord voor eb

    afgaand tij

  • Wat is het gevolg van de krachten op zeewater?
    Twee bulten waar het water aangetrokken wordt. De vloed.

    In het midden van de twee bulten ligt het dal. De Eb.

    2x vloed en 2x eb op een dag.

    De twee bulten blijven t.o.v. maan gelijk liggen, maar de aarde draait er als het waren doorheen, vandaar verschil in getij lopend over de aarde.
  • Hoe vaak is het eb en vloed in een etmaal?
    2x eb en 2x vloed in 24 uur
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Example questions in this summary

Hoe noem je het uitslijpen van dalen in de rivier?
12
Wat heeft invloed op zeewater?
12
Wat is de opbouw van de aarde?
12
Waar komen aardbevingen en vulkanen voor?
12
Page 1 of 21